Corona en herdenken

Het wordt bijna straattheater, met bijrollen voor Maxima in piratenkledij met vleermuisdetails, Mark met een dikke bos haar, Femke die niet in de gaten heeft dat camera’s op afstand feilloos registreren dat haar ogen steeds naar rechts flitsen omdat ze ziet dat Willem A’s broek in zijn bilnaad kruipt en een uit het stratego-spel weggelopen schout-bij-nacht die Willems tekstboekje moet torsen. De sprekers staan bij de 4-meiherdenking voor 6 miljoen televisiekijkers op een multiplexspreekgestoelte. Theater: er is immers geen live publiek dat men het zicht op zijn facie wil vergemakkelijken. Het is dus overbodiger dan overbodig. Grunberg houdt een uitstekende toespraak. Hij zegt terecht dat het bij herdenken aankomt op details. Kennis bestaat uit details. Detail: op De Dam is geen zigeunermuziek te horen. Wel christelijke liederen. Dat moet een klap in het gezicht zijn geweest voor familieleden van vermoorde Sinti en Roma, naast Joden slachtoffers van de nazi’s. Wegkijken en zwijgen was immers de houding van kerken in oorlogstijd. En om dan de meest christelijke tekst, het Onzevader te laten zingen voor een steeds a-religieuzer publiek is niet bepaald hoffelijk. De NPO wordt hier gelijk aan de EO. Of moeten we dit als een bewuste provocatie van onze Moslimbroeders opvatten, ook een groep die voor het gemak bij de herdenking wordt overgeslagen? Kerkleiders (protestants, katholiek of orthodox) kwamen nazi-Duitsland eerder tegemoet dan dat ze zich verzetten. Individueel of op mesoniveau werd er wel verzet gepleegd. Het overwegend protestantse Drentse dorp Nieuwlande bijvoorbeeld bood onderdak aan meer dan driehonderd Joodse onderduikers. Hopelijk dat de achterkleinkinderen van Gerdi Verbeet, voorzitter van het ‘nationaal comité 4 en 5 mei’ ooit hun overgrootmoeder over de ontbrekende zigeunermuziek zullen kapittelen en een postume oorvijg verkopen. Het aanspreken van familieleden op ongepast gedrag is een precaire actie, dat weet iedereen die familie heeft. Willem A durft na drie generaties zijn overgrootmoeder een veeg uit de pan te geven, maar relativeert het onmiddellijk weer door iets positiefs te noemen. En twee bovenstebraafste Drentse scouts als kranssjouwers inhuren is leuk bedoeld, maar was het niet vele malen avontuurlijker om hiervoor twee straatschoffies met gebontkraagde hoodie te vragen die net hun taakstraf erop hebben zitten en berouw hebben getoond voor scooterroof, het belagen van homoseksuelen of het scanderen van antisemitische leuzen in Amsterdam-centrum? Een paar aanpassingen in de detaillering en de nationale dodenherdenking wordt voor heel Nederland dragelijk.