Pasen in Sleen (2013)

‘t Is zondag, we wandelen, paniek slaat toe,
waar zijn de kids gebleven die net nog naast
ons struinden, vraag ik m’n oude lief verhaast;
ik kijk in ’t ronde, en gil luid: ‘joehoe joehoe’.

De rust van hof, van strekse stenen onder mos,
een drielinggraf, de lelies nog in volle, struise bloei,
is gauw vergaan, verstoord en dood
en even denk ik niet aan vrouwenbloot.

Dan, opgelucht zie ik ver weg een gele
jas: dat is vast één, bedenk ik, rustig nu,
en uit een kuil, een droge sloot, zo’n hele
diepe, kruipt nummer twee, ik dank de hemel, sodeju!

Terzelfder tijd klinkt verderop, vanuit de pastorie,
een opgewonden predikantenstem : ‘kijkaan, kijkaan’,
zeg vrouw, het lijkt wel Pasen potjandrie,
er zijn alweer twee doden opgestaan.