JOURNAAL week 38 (2026)

 

 

ZONDAG  We bezoeken beeldend kunstenaar Annuska ’t Hart die feestviert vanwege het tienjarig bestaan van haar galerie Noes. ’t Hart maakt figuratief/realistisch werk. Schilderijen en beelden. Topstuk: twee rivaliserende rammelaars die naar de gunsten van een vrouwtje dingen.

MAANDAG Bij galerie Peter ter Braak bekijken we werk van Action painter Marian Tappel, o.a. de serie Trash-Works. Lees hier meer over ’t Hart en Tappel. Beiden studeerden aan Minerva.

DINSDAG Het Museum aan de A heeft de ver(nieuw)bouwplannen gepresenteerd. Van Scheepvaartmuseum naar Regionaal Historisch Museum. Inhoudelijk kan het alleen maar beter worden. Vergeleken met het swingende Scheepvaartmuseum in Sneek was Groningen maar zozo. Als buurtvereniging horen we dat er zorgen en vragen over de ingreep zijn. We schrijven een brief aan de gemeenteraad en B&W waarop we worden uitgenodigd die aanstaande woensdag te komen toelichten in een inspreekuur voor de raad. Ga ik doen. Voor alles een eerste keer.

WOENSDAG Een van de leukste klussen in deze periode is mijn schrijverij voor de Pervinzioale Grunneger Schriefwedstried over het thema ‘tijd’. Vanwege mijn lage schrijftempo – een gedicht schrijven kost me maanden -slaag ik er niet in nieuw werk te fiksen en de deadline is al 30 september. Mijn aanpak: ik neem vier bestaande verzen, grotendeels over het onderwerp ‘tijd’ waar ik tevreden over was, ben en denkelijk blijf. Die vertaal ik. Als niet-native speaker- is dat een heidense klus. Aan de 1.278 pagina’s van de Grote ‘Ter Laan’ heb ik niet heel veel want die beste man is blijven steken in Gronings – Nederlands. Aan mijn aangetrouwde opa Jan Boer heb ik ietsiepietsie, want ik heb veel van zijn werk gelezen.

Dan kom ik al snel uit bij mijn netwerk. Vriendinnen en kennissen en een groepje deskundigen, verbonden aan de uni. Twee deelnemers zijn bezig zijn aan promotieonderzoek streektalen, ik meen Nedersaksische regiotalen, dus inclusief Gronings. Eén van deze groep is ook jurylid van de schrijfwedstrijd en dat maakt me voorzichtig.

Waar ik tegenaan loop is dat mijn in het Gronings vertaalde zinnen niet Gronings klinken. Z uit Zuidlaren raadt me aan veel te gaan lezen van Hölsker om zo mijn natuurlijk-Gronings op te krikken. Mijn Paterswoldse vriendin C zegt: ‘Klaas, krieg hier wel wat kromme tonen van, klinkt mie apmoal veuls te Olands.’ Iemand van de RUG-werkgroep helpt me bij het woord ‘kosten overschrijdend’ maar voegt er voor mij onheilspellend aan toe ‘als ik het al zou gebruiken.’ Huh? Denk ik dan, als je voor je werk over bouwend Onderdendam in het Gronings rapporteert aan de gemeenteraad, gebruik je die woorden toch ook in de doeltaal? De streektaal heeft toch niet een beperkte thematiek?

Mijn eigenwijze ik argumenteert: van iemand voor wie Gronings de zoveelste taal is, moet toch geaccepteerd worden dat zijn werk- schrijf- en denkniveau anders is dan de eigenheimers uit de provincie? Schrijvers uit welke regio dan ook zijn toch altijd al vertaald, dus inclusief de eigenheden uit de oorspronkelijk (bron)taal? Of dat nou Friesland, de Peloponnesos, de Falklands / Malvinas, De Peel of Shanghai-noord is?

VRIJDAG Over een week komt Lucie Horsch weer in Stad. Drie jaar geleden trad ze op met Anne-Gäelle Chanon in de A-kerk, nu in Cultuurcentrum Oosterpoort, in 2029 in Euroborg? Wat een talent! Superieure zang en blokfluitmuziek die klinkt als een Timpe, een Hinz, een Schnitger.

ZATERDAG Ons museumweekend begint aan de Westerhavenstraat 14, bij ARTisBOOK met Groningen Hopstad 2026. Vanaf eind maart zijn hopstekken uitgedeeld met de bedoeling die te laten groeien en aan het eind van het seizoen de bloemen (bellen, klokjes) te oogsten. De vloer is in een cirkelvorm bezaaid met de klokjes. Gek, maar mijn stekken vonden geen vruchtbare grond en ik oogstte dan ook geen bloemen.

Countertenor Albert Guiñon Fort & Tymen Jan Bronda in Lutherse kerk op 12 september 2026

Het kerkje loopt lekker vol met openmonumentendagbezoekers en vrienden, vrijwilligers en begunstigers van het Luthers Bach Ensemble. Oude rot Tymen Jan Bronda begeleidt de piepjonge (van 2003) countertenor Fort.

Deze gast komt er wel. Wat een zanger! H e e r l i j k. Het publiek heeft plezier. Vanaf de kraak bekeken hebben we een goed overzicht en genieten we optimaal van de akoestiek. Ook zien we een stuk of vier gasten aldoor facebook checken of de nieuwste recepten van AH, naast mij een fotograaf met een oude camera die herrie maakt als een drukregelaar in een versleten CV, maar ja het is wel Monumentendag!

Op het programma: Bach, Vivaldi, Händel en Glück. Bronda en Fort laten ook de passiemuziek nog horen. De Matthäus Passion-evergreen Buβ und Reu (in het nagesprekje bij de borrel – deze keer met een, jaja, Tripel biertje -en hapjes hoorde ik een wat hardhorende bezoeker zeggen dat ze toch duidelijk ‘Boer zoekt vrouw’ had gehoord) moet het met de vleugel doen. Bronda is als een Groningse herenboer die twee eerstepremiefokhengsten heeft maar toch een aftandse bleke pony voor de sjees spant als hij met twee majestueuze orgels in huis kiest voor het eenvoudige vleugeltje! Maar goed dat hij ‘t op ’t orgel compenseert als hij nog even lekker solo losgaat met Bachs Praeludium und Fuga (met Fort als registrant).

In dit fijne muziekuur gaat het om de zang en de muziek. Vergeet gerust de tekstinhoud. De meeste bezoekers kunnen nog wel iets met ‘Geist und Seele wird verwirret, wenn sie dich mein Gott betracht’ dat ze negen keer gezongen horen. Als onze Catalaanse zanger bij Händel uit het hoofd gaat zingen, horen we de ware muziek, het ‘Lascia ch’io pianga’, – van DuoLingo weet ik nog dat het ‘Laat me huilen’ betekent -, klinkt alsof Fort echt heeft geleden. Veel klassieke muziek is nu eenmaal meer van de pure smartlap over lijden, tranen en ellende dan van dijenkletsen. En sja, horen we verderop niet iets van ‘Tropfen meiner Zähren’ en het tragische ‘Che faro’ en ‘Dove andro’? Beide musici hebben zich, jammer jammer, in hun beste zwart gestoken. Zo blijft het natuurlijk wel wat sombertjes. Ik kan niet laten naar Anna Lapwood te kijken en te verwijzen die met een iets uitbundiger stijl ramvolle zalen trekt.

Het vandaag bijgeleverde programmaboekje stelt de luisteraars op de proef. Duitse teksten worden in het Nederlands vertaald maar de Italiaans blijven steken in het Engels.

Genoeg gezever, het LBE presenteert zich in deze tijd weer met recht als een soort Gronings Podium Klassiek met kippenvelmuziek van rookies als vaste kracht Kemler, binnenkort Horsch en vandaag topper Fort. En Tymen Jan Bronda wordt dan vanzelf een soort Floris Kortie.

 

 

Burgemeester en wethouders op bezoek in het A-Kwartier

We ontvangen het college van B&W nu (8 september 2026) voor de derde keer in ruim vijf jaar. Twee keer met burgemeester Schuiling en nu met Kamminga. Het zijn steeds nuttige en openhartige ontmoetingen. Wij tonen lastige situaties in het A-Kwartier en zaken waar we trots op zijn.

Graag denk ik terug aan mijn tweede vergadering met de bestuursmatties van het A-Kwartier, ergens in 2021. Ik stelde voor de burgemeester een keer uit te nodigen om kennis te komen maken met de wijk en ons. In mijn vorige woonplaats E, zo wist ik, was B, vaak samen met W, gewend aan wijkbezoekjes. Tot mijn verbazing was de zuinige reactie van onze toenmalige voorzitter: “Klaas, Groningen is E niet, hè, W&B hebben volle agenda’s en het is zeer de vraag of daar een wijkbezoek in past.

En de rest is history.

Het stadsbestuur vergadert ’s ochtends in de conferentiezaal van LUHU aan Munnekeholm. LUHU is een ontbijt- en lunchcafé gerund door doven en zeer slecht horenden. Uitbaters Engelien en Dennis hebben bedongen de werkwijze van Luhu te kunnen toelichten aan het bezoek. Daarna is er een lunch waarbij ambtenaren en wijkvertegenwoordigers aanschuiven. Tot slot wandelen we met zijn twintigen door de wijk waarbij complexe meerjarige dossiers die tijdens de lunch zijn aangestipt inzichtelijk worden. Ook tonen we graag ontwikkelingen waar we trots op zijn en weerbarstige problemen. Vier wijkbestuurders lichten de wijkonderwerpen toe.

Wat komt zoal voorbij?

  • De complexe meerjarige dossiers: De ja-of-nee-verhuizing van het Harmoniecomplex en wat er mogelijk voor in de plaats komt, de Visserbrug en noodbrug, de MADA-vernieuwbouw;
  • Plussen: Een uiterst actieve vereniging met 10 commissies en werkgroepen, veel verbindende activiteiten, de samenwerking met Albertus Magnus en de goede relatie met de gemeente, de aandacht voor en groei van aantallen geveltuinen (zie detailfoto van André Oosterhuis), eerste prijs Kunstopstraatprijs;
  • Problemen en hete hangijzers: toename hittestress naast vergroening van het centrum, bierboten en wildplassers, verslaafde druktemakers, lawaaioverlast, parkeertekorten, graffiti.

Na afloop is nog een korte nabespreking en bedanken we elkaar voor de ontmoeting. Zijn we duidelijk en open geweest of was het toch een ‘koek-en-ei’-bijeenkomst? Tijdens de gesprekken maken we er geen geheim van dat binnen het bestuur verschillen van inzichten bestaan. Toch proberen we met één mond te spreken.

JOURNAAL WEEK 36 (2026)

DONDERDAGAVOND Omdat vrouw I lijdt aan Rücke Schmerzen bied ik twee harer vriendinnen aan mee te gaan naar de avond van de vrijwilliger in het Theater aan de Grote Markt. In de zaal bijna tweehonderd vrijwilligers en de wethouder van dienst. We worden getrakteerd op liedjes van Annie M. G. Schmidt. Aan meezingers doe ik  – uit volle borst natuurlijk – mee, t/m het eerste nummer. Maar het theatertempo lijkt meer toegesneden op verzorgingstehuizen en kleuterklassen dan op dat van wakkere vrijwilligers (meest senioren uit de zorg, accountancy, woningbouw, communicatie, het onderwijs) in de bloei van hun leven. L., H. en ik houden het in de pauze voor gezien en we buitelen Groningens pre-nachtleven in en wel zodanig dat één van de meisjes, ik meen nog voor middernacht, per auto moet worden opgehaald.

VRIJDAG 12.15 uur Tomaten kopen bij de buurtsuper hoeft niet meer. Ik pluk van eigen planten bij mijn BlockHouse-bakken. Bij Albert Heijn sla ik slechts drie pond bloedsinaasappelen en een halfje bruin in en gebruik de bonuskaart niet. Mijn favo verkoopmedewerker heeft me in de smiezen en komt breed lachend met haar bedrijfs-Bonuskaart mij aan een Euro voordeel helpen. Mijn bankpasje houd ik even voor de lezer en klaar. Achter een andere klant aan die het poortje heeft geopend verlaat ik zonder kassabonnetje de winkel.

VRIJDAG 12.25 uur. Van AH terug naar huis lopend breng ik de cursussen valpreventie voor senioren die ik deze week via e-mail ontving in de praktijk. Nog even langs de A-kerk en de Vismarkt naar de vrijdagmarkt om twee haringkoninkjes te scoren en de door de provincie belaagde stadsduiven op stringfoot te checken. Je hebt hier van die brede trottoirbanden van glad hardsteen. Vaak oefen ik daarop mijn balans. Zonder de ernaast liggende keien te raken stap ik flink door als een kind dat op een witte lijn wandelt op het schoolplein. Voor Humanitas zie ik wat zeiknatte rotte bladeren of weke steenmarterpoep over het hoofd en zeil onderuit. Mijn armen waaieren uit als een geraakte zwaan, het rugzakje met de bloedsinaasappelen en het halfje bruin breken de val. De twee visjes worden geplet. Omdat ik de overgeslagen valpreventiecursus goed had gevisualiseerd voorkom ik dat mijn hoofd de stenen raakt. Ik ga snel rechtop zitten en voel kort enige duizeligheid. Enkele vrouwen vragen bezorgd of het wel gaat. Mijn lichte zomerregenjasje voorkomt dat er straatvuil in de mild bloedende wond op mijn rechterarm komt.

VRIJDAG 17.45 uur. Mijn bankrekening toont geen afschrijving van AH. Huh? Gratis! Toch geen voedselbank geworden. Vreemd. Even terug naar de buurtsuper. Weer zie ik mijn favo AH-medewerker, maar nu achter de infobalie. Geduldig en vol begrip probeert ze mijn niet-betaling uit te zoeken. Maar tevergeefs.

ZATERDAG Begin oktober organiseren we in Leeuwarden een nichten-, tante- en nevenmiddag van de Van der Meulen-familie. Van de 34 mogelijke deelnemers, inclusief partners, hebben 28 zich aangemeld. Bijgaande foto is van omstreeks 1962 en zal genomen zijn bij een huwelijksfeest in het kerkelijk verenigingsgebouw te Nes (W.D.), van pake Pieter en beppe Tjitske over wier liefdesbrieven ik eerder iets schreef. Alle 28 afgebeelden op de zwartwit foto van Erwin Olafiaanse allure meen ik nog te herkennen. De kapsels en stropdassen van de ooms, de vooroorlogse oren, de hangerige kids die klaarblijkelijk nog nooit ‘Say Cheese’ hadden gehoord, alle tantes op hun sexyst uitgedost in jurken net over de knie en met oorbellen, kralen en watergolven die niet onderdoen voor permanentjes, de piramidale fotocompositie: grote schoonheid, onverwachte Noord-Friese klasse! Klaeiklúten? Diamanten!

HORTUS BOTANICUS Haren (september 2026)

Dertigers waren we, sommigen al veertigers ergens aan het eind van de vorige eeuw. De gymjuf, met stalen benen in voor die tijd moderne, net iets te strakke bedrijfskleding, en sexy witte kniekousen die ver boven de rode in die tijd hippe Converse-gymschoenen uitstaken, die de personeelsuitjes voor het Emmense Esdal College, dat toen nog De Dissel heette, organiseerde, had, ver voor het zuipfestijn ’s avonds bij Café Moorman in Erm begon, waar we zelf bier mochten tappen en vetes met de pretpakketdocenten uitdiscussieerden, een cultureel verantwoord uitje bedacht: de Hortus in Haren. Maar amper uit Lantings bedrijfsuitjesbus met beweegbare rugleuningen gestapt wisten we niet hoe snel we in de Hortuskantine moesten komen. Barbaren waren we, maar aardige en we wisten het.

We kijken vandaag onze ogen uit. Geen idee had ik dat de hortus zo groot is: met 140.000 m² de grootste van Nederland. We doorkruisen vijftien verschillende tuinen waarvan enkele nog onderverdeeld zijn in subtuinen die de plattegrond niet hebben gehaald. Kassen, waterpartijen, beelden, bomen en een speciale Chinese tuin: Het verborgen rijk van Ming, compleet met groeiende in de wind meebuigende vishengels.

Alles prachtig aangelegd en divers onderhouden: van uiterst precies naar paradijselijk-laat-maar-waaien. Je ziet dat overal over is nagedacht. Ik herken diverse lessen in onkruidbeheersing, van meticuleus tot onkruid gemaakte plantjes wegtrekken tot mulchen. Van met schapenwol bedekken tot smoren onder riet. Wat een technieken.

Er moeten fikse pelotons vrijwilligers worden ingezet, aangestuurd door eersteklas bio- en ecologen. Onze achterbuurman H is een actief medewerker. We zien rozen, groenten, granen, heesters, bomen en sierplanten. Geen gezeur over exoten of invasieven: het gaat hier om groen, groeiend, divers, en veel. En wat opvalt: nauwelijks droogteschade. En waar je ook kijkt, overal in groene overals gestoken Hortusmedewerkers die c.v.’s van nieuwe vrijwilligers uitpluizen.

Er is een beeldencollectie van AKKA en verder is de hortus verdeeld in grote compartimenten: een Chinese, Keltische, Kruiden-, Rots-, Vlinder-, Water-, Prairie-, Hondsrug en Laarmantuin, omzoomd en doorsneden door een voedselarme plas, het Elzenbroekbos, Eilandborders, on- of juist gecultiveerde paden en meer. Dan nog een bijenstal, een Evolutiepad en een Terra-afdeling waar leerlingen het tuiniers- en hoveniersvak leren. En een opgeruimde museumwinkel en zaden- en plantenverkoophoek met billijke prijzen.

Dat we in de folder over de bijna dertig jaar oude Chinese ommuurde tuinen, met kunstig geconstrueerde watervalletjes en typische paviljoenen, een theehuis en Hof van Verwelkomende Welriekendheid, alles door handwerkslieden gebouwd en geënsceneerd niets lezen over de mensenrechtenschendingen van China tegen de Oeigoeren zij de Hortus vergeven. Het is een goed gelukt stukje retro-China waar de tijd lijkt te hebben stil gestaan en geopolitiek en nepotisme onder het kleed geveegd zijn.

Ik mijmer terug naar midden jaren tachtig vorige eeuw. De dahliatuin van toen, die de blommen voor het Eeldese bloemencorso leverde, bestaat nog steeds.

JOURNAAL week 35 (2026)

ZONDAGMORGEN Enkele ribben kaduuk, sleutelbeen aan gort en schouderblad gedeukt. Oeff, ik schrik behoorlijk als ik hoor dat A, 78 inmiddels, de nestor van onze SpaakMastersfietsgroep, een fietsongeluk heeft gehad. Wat is Spaak alweer? Spaak combineert een wielrennerscafé met een fietsherstellingsbedrijf en organiseert op zondagochtend fietsritten voor groepen, van supersnel tot supergezellig. Van de zeventigplussers ben ik de jongste. A’s ongeluk maakt me nog voorzichtiger. Ik ken en koester mijn plaats in de staart van het pelotonnetje. Ter troost van de geblesseerde drink ik een speciaal flesje.

ZONDAGMIDDAG Rixt van Gosliga is onze gids bij de wandeling in de tuinen bij het DUO-gebouw, het ‘cruiseschip’, nabij de rondweg. De A-Kwartiergroep is onder de indruk van de bloeiende pracht en van de bijzonderheden van de aanleg. Dat de tuin, groeiend op het dak van de parking, er nog zo goed bijligt komt omdat contractueel 20 jaar onderhoud is vastgelegd.

DINSDAG In ons Pomppleinblokje zitten dertien huizen. Bijna alle met een geveltuintje. Nog drie te gaan. Vandaag wordt er weer één aangelegd. Gratis, de gemeente stimuleert met subsidies. De binnenstad wil vergroenen en minder hittestressen.

WOENSDAG Als je binnen de Diepenring iets aan de buitenkant van je huis wilt veranderen moet je dat melden. Dat geldt ook voor verticale zonneschermen, sunscreens. Eisen: niet op de muur aanbrengen, niet ver uitsteken. Vandaag wordt het gepubliceerd in de binnenstedelijke kolommen.

DONDERDAG Als ik lees over een Groningse Schriefwedstried’ over het thema ‘Tied’ denk ik: Yess, mitdoun. Maar ja, dan: hoe, wat? Tijd, verlies, liefde, ’t verleden, dood, schaamte, psychologische introspectie, seizoenen: platgetreden paden. Mijn vier onderwerpen zijn: de tijd dat duiven nog heel gewoon waren; II: de helse tijd van een lichamelijk flebologisch rectaal onderzoek; III Hemelvaart, staartbotjes en waterschap ten prooi gevallen aan de tand des tijds; IV Waarom bossen tijdloos zouden moeten zijn. Ik vraag Zwany mij te coachen. Op 21 november weten we meer.

VRIJDAG Groningens Ontzet. Voor ons huis een speelpark voor kinderen met opblaasbare springkussens, gratis ranja, en opa’s en oma’s. In de A een drakenbootrace en een permanent schreeuwende spreekstalmeester naast behoorlijk harde snollekebollekecafémuziek. Een groot koor en de burgemeester ’s ochtends bij de opening naast het Goudkantoor. Een zuurkoolmaaltijd met superleuke tafelgenoten in de A-kerk. En superieure orgel- en saxofoonmuziek in de Nieuwe Kerk met Mannes Hofsink op orgel en Lotte de Bruin op sax. Muziek van Piazzolla, Queen (Bohemian Rhapsody), een swingende, jazzy Stamm (Little Jazz Suite) doet het publiek de handen rauw klappen.

ZATERDAG Even opwarmen  en dan de plomp in. Even alle cyanobacteriën, blauwalgen, E.coli, leptospirose aan de kant en dan zwemmen maar voor het goede doel (onderzoek om kanker buiten je lijf te houden). Begeleidende bootjes en surfboards present en alle deelnemers zijn verplicht een kleurige drijver aan te gorden. Waarom deze effectieve eenvoudige maatregel niet verplicht is bij zwemmen in zeewater?

Zomer 2026

Wat een zomer….

Groningen is wereldwijd beroemd vanwege de Schnitgers en Hinsz-orgels. ‘Orgelzomer’ presenteert in Stad zo’n 40 kerkorgelconcerten, draaiorgels doen nog even niet mee. Indruk maken Matteo Imbruno en Rie Hiroe. De Italiaan imponeert met het voor mij onbekende stuk, ‘Litanie’ van de Nederlandse componist Welmers. Ik vind het zenuwlijersmuziek en tegelijk indrukwekkend. De Japanse professoressa Hiroe pakt me met haar gehele programma tout court.

Pure extase

Naast mij in de Martinikerk een echtpaar: mevrouw houdt onderdanig-devoot het programma voor haar mans gezicht zodat hij onbekommerd minimalistisch in pure extase de maat kan slaan en denkbeeldig de coda meepingelt. Verder zit iedereen bevroren voor zich uit te kijken. Het publiek wordt niet verwend. Geen filmopname van of gesprekje vooraf met de muzikant, geen spannend licht. Een enkele Italiëfetisjist roept op het eind luid ‘bravo’ en een gedurfd ‘bravissimo’. Imbruno glimlacht. Ik droom weg naar orgelrocksterren Anna Lapwood en Jan Liebermann die duizenden enthousiaste orgelmuziekfans trekken. Waarom staat Groningen stil?

Wildplassers Een nadeel van de binnenstad: bierboten die gasten, heel vaak in het dagelijks leven accountmanagers in de zorg, omtoveren in wildplassers. Vriendin stuurt me de foto met bewijs. Gemeente, havendienst en politie gaan bierbootbedrijf aanspreken. Wij dringen aan op intrekken van de vergunning.

Wandel4daagse

Na maandenlang voorbereiden durf ik het aan: vier dagen wandelen met meer dan 3.000 deelnemers. Onbezonnen bied ik kamerad(inn)en aan hier all inclusive te komen logeren, polsbandje hebben ze immers al. Al wandelend zie ik het doorsnee witte bioscoop-, museum-, leesclub- of koorpubliek, maar dan na een ledenwerfactie onder jongeren. Groningen presenteert zich op zijn best: mooie paden zonder snuivers, spuiters, wildplassers, voorstanders van vrouwenbesnijdenis, F.v.D.’ers, slikkers, klimaatontkenners en rukkers. Nergens tulbanden, keppeltjes, hoofddoekjes, hamers & sikkels. Wel een overkill aan kruisjes en groene Nijmeegse parafernalia. Een uitmuntende organisatie, gemaaide bermen en massagestation op de Grote Markt.

Keiweek

Als onze sociale batterij nog niet leeg is na vier dagen logees verwennen bij de 4daagse tippelexercitie, dan, zo redeneren we onbesuisd, kunnen we, op aanvraag van neef Friso, ook enkele meiden hosten die aan de Keiweek meedoen. Studio opruimen, gang stofzuigen, W.C. poetsen, weekje niet vloeken, boeren of luide winden laten en tig huissleutels bij laten maken.

Mihai overleden

Soms is Groningens binnenstad een dorp. Je groet elkaar en maakt een praatje. Je leert studenten dat ook fietsers voorrang kunnen hebben. Je probeert aandacht te hebben voor dak- en thuislozen. Op een bankje naast Albert Heijn wordt Mihai herdacht. Hij stierf op 52-jarige leeftijd. Mihai is Roemeens en woonde in een tentje aan het Winschoterdiep. Het Leger des Heils ontfermde zich met een ontbijtbakfiets over hem.

Zummerbühne

Westermans excellente boek ‘De Graanrepubliek’ wordt in het open veld als muziektheater gespeeld in Noord-Groningen. Een schitterend schouwspel over werkvolk en tot herenboer gemaakten die uitbuiten als aangeboren voelen. Geen wonder dat ’t communisme hier groeide als graan op geile grond. Nog steeds zijn er in Groningen herenboeren met 9.000.000 vierkante meter landbouwgrond en veehouders die denken dat ze met 1.000 koeien gelukkig worden. Pffff, wat een zomer….

Gratis tuinplanten

Marktplaats biedt de rubriek ‘gratis tuinplanten’ en de afgelopen dagen fietst ik naar Peize, Vinkhuizen, Korreweg, volkstuincomplex Bruilwering, Hoogkerk en Adorp en ontmoet de aardigste mensen ter wereld, één noemt zich plantenredder, die plantjes stekken en vermeerderen en daarmee anderen gelukkig maken. De nieuwe aanwinsten, yuca, lavendel, veldzuring, vlinder, Canadese guldenroede, sedum, zet ik uit in mijn bakken bij Blockhouse.

Zummerbühne met ‘De graanrepubliek’

Zummerbühne biedt in augustus 2026 met ‘De graanrepubliek’ een schitterend openluchttheater nabij Oostwold. We zitten op een grote tribune in een lekkere temperatuur. Het zicht overtreft dat van de schouwburg. Licht, geluid, muziek, koor, programmaboekje, verstaanbaarheid, catering: erg goed allemaal. Een prachtig spektakel ontvouwt zich vlak voor onze neus met daarnaast mooie, vaak uitgelichte vergezichten over graanvelden, met in de verte de knipperende rode feestverlichting van de windturbines. In V-formatie vliegende ganzen volgen de regieaanwijzingen als poppetjes aan een touwtje. Tom Ket bewerkte een deel van ‘De graanrepubliek’ voor dit theater. Noordpoolorkestleider Reinout Douma is artistieke chef.

Frank Westermans boek gaat ten diepste over ongelijkheid. De tot herenboeren gemaakten tegenover landarbeiders. Stinkend rijk en hoogmoed tegenover nederige armoede. Grootgrondbezitters tegenover volkstuinders. En ook mannen tegenover vrouwen. Alles overgoten met een romantische saus die vaak vloeiend is en soms klonterig.

Maarre, dat was toch allemaal vroeger? De verwijzingen naar de huidige landbouwsituatie zijn niet van de lucht en leveren vaak een lach op. De gespeelde periode loopt van 1929 – 1945. Ook toen werd de landbouw gesubsidieerd. Groningen was destijds een gebied met ongekende rijkdom en stinkende armoede. In de bus naar het theater rijdend krijgen we een voorproefje. Grote boerderijen naast kleine arbeiderswoningen.

De gehele choreografie is indrukwekkend mooi. Hoe het koor zich presenteert, hoe je ineens 20 burgemeesters op een rij ziet staan, perfect uitgelicht en meerstemmig loepzuiver zingend. Drie balkons van steigerbalken geven permanent boeiende zichtlijnen; er is altijd wat te zien, overal actie en beweging zonder dat het je gaat draaien.

Geen wonder dat hier het communisme groeide als graan op geile grond. Het supergrote beeld van Lenin is bedoeld als cartooneske opwarmer en blijft bij het spel godzijdank uit zicht. Laten we niet vergeten dat deze fouter dan foute gast als moorddadig dictator hongersnood als wapen tegen boeren inzette.

Onder de theatrale oppervlakte komt de wens tot toenadering, verbinden, met elkaar blijven praten naar boven. Dat de wens hierbij vaak groter is dan de praktische uitvoerbaarheid blijkt uit een serie fatale pistoolschoten op het eind.

En nu, anno 2026? We zien de hardleerse stikstof- en klimaatprobleem ontkennende beroepsgroep die meent dat het beroep overerfbaar is en liever snelwegen blokkeert en vlaggen omkeert dan bij zichzelf te rade gaat en de bedrijfsvoering aanpast en een juiste afslag neemt. Een marginale bedrijfstak die met een halve eeuw waarschuwingen lak heeft aan ecologische verantwoordelijkheid en laatste restjes natuur naar de ratsmodee helpt. Nog steeds zijn er in Groningen boeren met negen miljoen vierkante meter landbouwgrond, oftewel 900 ha. Boeren die rechtszaken voeren om stallen uit te bouwen tot fabrieken voor 1000 koeien.

Misschien tekenend voor de gespleten situatie: in de bus terug blijven de soms mensgrote scheuren in boerderijen en arbeidershuizen onbelicht en onzichtbaar.

Briefwisseling tussen 1917 en 1921 van Pake Pieter (Van der Meulen) en Beppe Tjitske (Smit)

Mijn grootouders van mijn vaders kant (de Van der Meulens) herinner ik me als uiterst serieuze, rustige, bescheiden, ouderwetse, eenvoudige, werkzame, gereformeerde plattelanders uit het kleine plaatsje Nes nabij Wierum en Paesens-Moddergat in Noord-Friesland. Geen vrolijke lachebekjes maar ook geen chagrijnen. Beppe heb ik wel eens zien glimlachen. Altijd wasze gestoken in een zwarte lange jurk met daaronder een ijzeren corset, ik herinner me dat mijn tweelingbroertje en ik wel eens probeerden haar in de ruime hal omver te duwen, maar tevergeefs. Maar pake? Een pijp in zijn mondhoek is mijn beeld. Op verjaardagen bezochten ze ons gezin, dus jaarlijks zeker zeven keer. Oudste zus Jelske had dan de eer hen op te halen in de DS, die, zo bleek, ook in de Noord-Friese bochten aan de weg kleefde.

Pake had onverwachte tirannieke trekjes. Ik herinner me ooit gehoord te hebben dat hij de benen van zijn zoons zou breken als ze een vrouw voor het huwelijk zouden hebben bezwangerd. Zelf had ik de ervaring van een ferme tik toen ik eens kinderlijk onschuldig het woordje ‘verdorie’ of ‘verdikke’ of misschien ‘jakkes’ of het veel zwaardere ‘harrejakkes’ had gebruikt. ‘Verdomme’ of godverdomme kwam in ons woordenboek niet voor. Een belangstellende vraag, of gewoon iets aardigs kan ik me van pake niet herinneren. Wel dat hij sla bij de AVG-maaltijd ‘knienefoer’ (konijnenvoer) noemde.

Beppe en pake kregen vijf zoons, in volgorde van geboorte en ook overlijden: Anne, Piet, Folkert, Auke, en Tinus (Catrinus). Deze mannen trouwen met respectievelijk Sjoukje, Annie, Ted, Duotsje en Tetje.

Ver na beider dood kantelde mijn beeld van pake en beppe behoorlijk. Ik kende hen toen ze al op leeftijd waren en via een grote briefwisseling maak ik in 2013 kennis met hen als gevoelige geliefden die verslaafd lijken aan de hulp van een verzonnen god. Bij de boedelscheiding ontfermde mijn oom Auke zich over een verzameling foto’s en brieven. Naast familiefoto’s bevatte de doos maar liefst 133 brieven, die werden geschreven tussen 1917 en 1921. Het bleken liefdesbrieven te zijn. Aan het eind van de serie zijn brieven toegevoegd van derden (familieleden en vrienden). Opvallend genoeg zijn alle brieven geschreven in het Nederlands en niet in het Fries.

In eerste instantie meende ik er goed aan te doen alle brieven hier te publiceren. Uit privacy-overwegingen en na contact met mijn neef Auke (Tinuszoon) heb ik de briefwisseling verwijderd. Geïnteresseerd in de teksten? Laat het mij weten.

Klaas van der Meulen

W A N D E L 4 D A A G S E GRONINGEN 2026

MAANDAG Tropische temperaturen, een knie zonder kraakbeen, fijne logees, broeierige avonden, een klustuin die schreeuwt om bewatering, het laatste Zomergastendeel dat nog afgekeken moet worden, een nog in te plannen onderhoudsbeurt voor de Giant: niets staat de voorbereiding voor de wandelweek in de weg. Vandaag scoor ik de knippenkaart voor de massages van dinsdag t/m vrijdag na de inspanning en worden we bijgepraat over het pijnsensiviteits onderzoek van UMCG en HANZE-hogeschool waar T en ik trouw aan meedoen, elke dag voor en na de tocht.

DINSDAG CODE ROOD De temp stijgt tot 34° en wij wandelaars doorstaan de verzengende hitte op de steppe die hier Onlanden heet. Een schitterend natuurgebied, aangelegd als waterberging ten zuidwesten van Stad. De zeearend, aka ‘de vliegende deur’ nestelt hier en wijkt voor de stappende Meindls, Lowas en Dolomites. De 4daagse organisatie is perfect: waterpunten, toiletten, plaskruisen, en voldoende routebordjes. Mijn makker wordt allengs stiller: gewend als hij is aan uitbundig getoeter en gezang in Nijmegen, overvalt de rust, weidsheid en de stilte hem hier. Zijn lust om te zingen smelt als waterijs in een kinderhand. We hebben het naar de zin. Visioenen van een frikandel speciaal verdampen. Na vijf uren drinken we bier en kneedt een masseur mijn kuiten.

WOENSDAG elke dag opstaan om 5, ontbijtje fixen voor vier en dan zie ik dat er vanavond in de Martinikerk een juryconcert is met Rie Hiroe, Juan María Pedrero en Jeremy Joseph, alle drie met behoorlijk wat Bach. In wisselende samenstellingen lopen we noordwaarts, o.a. langs Harssens en Wierumerschouw, nu met een verfrissend windje en een softe zon. Zonder ’t te merken slaag ik erin twee blaren te ontwikkelen. We genieten van het landschap, hebben diepzinnige gesprekken over Barefoot shoes, suiker in de spelt/haverkoekjes, of Halbe Zijlstra ooit weer geloofwaardig wordt en de rijzende ster van Roelien Kamminga. In Stad troon ik M & M mee naar Inges geäircode kledingshop Byoni. Daarna nog registreren, meedoen aan het  pijnregistratieonderzoek, masseren en bier op t terras. Morgen oostwaarts.

DONDERDAG De temperatuur is meer dan okee, blaartjes no problemo, minister Van den Brink spreekt nog veertien wetten ontduikende gemeentes aan en ik neem me voor die gemeenten te mijden als rotte mispels. We hebben een bijzonder orgelconcert (met in de pauze Rivella) achter de rug waarbij de maestro’s en één Japanse maestra (jaja, in Japan zijn ook kerkorgels) een roosje kregen i.p.v. een vergiftigde bos leliën. De 4daagse presenteert een prachtige, oostelijke wandelroute, met heel mooie paden, bijvoorbeeld het ‘Bevrijdingspad’ en een oneindig mooie nabij Noorddijk en later bij Kardinge en Beijum met bloemenbermen als keukenhoven. De oude Groningse poëet Jan Boer zou, was hij nog onder de levenden, zijn vingers bij het zicht op de wolkenpartijen boven de vorstelijk gesubsidieerde agrarische sector hebben afgelikt, prevelende ‘Grunnen, mien laaand, bist ja hemel op oarde’. Onderweg krijgen we langs de randen van de Graanrepubliek waterflesjes bij de vleet en kaasblokjes van boerinnen die zich van BBB lijken te hebben afgekeerd als in goeden doen verkerende kieskeurige slakken van onwelriekende paardenmest.

VRIJDAG De laatste 20 kms.: een rondje Paterswoldsemeer, langs Hoornse Plas en Hoornse Dijkje. Een mooie route weer, met duidelijk Drentse invloeden. Eens even kijken wie meewandelen. Jong en oud. 80 % vrouwen schat ik. Opgeruimde, vriendelijke hulpvaardige types. Niet of nauwelijks mensen van kleur. Geen hoofddoekjes, keppeltjes, tulbanden, hamers & sikkels, wel kruisjes in alle afmetingen en Nijmeegse parafernalia. Een beetje het gemiddelde koor dat net een ledenwerfactie onder jongeren heeft gehad. Iedereen die ik spreek prefereert Groningen verre boven Nijmegen. De verschillen zijn dan ook groot. Hier geen overdreven opgewonden luidruchtige toeschouwers met bombastische piratenmuziek via schetterende ghettoblasters, hier soms wel fijne smalle met bloemen omzoomde paden en godzijdank geen uitgerangeerde tv-reporters als Jaap Jongbloed die ten koste van wandelaars graag zichzelf interviewen of KRO’er Fons de Poel die een gerenommeerde politicus snotneus noemt als hij denkt dat de mic uitstaat. Bij de finish een lief onthaal van familie en vrienden met blomme in soorten en maten, een medaille met daarop Groningens classicistisch stadhuis dat enigszins doet denken aan dat van Weesp maar dan uitgevoerd in kloeke maten en zonder beginnersfouten en bier onder ‘Olle grieze’. Deze keer laat ik de keus aan de studentmasseur die me met kuiten als van een haastig puberhert naar huis laat lopen. Mijn rug modelleert zich na een tippelweek met in totaal 90 kms wel weer na een badje.