ITALIË 1- 21 mei 2026 [I]

1 MEI we nemen een ongewone afslag. Niet de snelweg richting Assen in onze deel-Clio maar wandelend naar het hoofdstation. Ons treinreisdoel vandaag is München via Utrecht en Keulen. Bijna tien uren treinen. Onderweg dompelt de nieuwste van Elif Shafak me onder in een ongekende wereld. Via de mail krijg ik nog twee overlijdensberichten: oud-collega Jan V en neef Piet R zijn uit de tijd gekomen. Gemiddeld werden ze 83,5. Naast ons Amerikanen, patriotten. De aansluiting naar München, dat de Italianen Monaco noemen, redden we net. Het Münchener Hauptbahnhoff behoort tot de lelijkste die ik ken. ’s Avonds in de Altstadt zien we dat de 1-meidracht hier gelijk is aan die van de Oktoberfeste.

Drie weken de hort op, wat nemen we mee? Elk een koffer, ik een rugzakje erbij en vrouw I een tasje. Hoewel ik vaag droomde van licht reizen, valt dat tegen: mijn koffer is dik 9 kilo, mijn toilettas alleen al is 1,5. Met het oog op de vele geplande wandelingen krijgt mijn gevoelige knie die doet alsof hij 80-plus is, een halve meter bamboesteunkous die de verpakking uit China opgewekt Knee Brace noemt. Klinkt inderdaad beter. Heb nog geen hulp nodig om de brace aan te trekken. Morgen door Oostenrijk naar Bologna.

2 MEI het ontbijt is okee, uit een ooghoek zie ik champagne light, witte spumante. Ik weersta het. Zeven uren treinen door Oostenrijk. Weer een supersneltrein. Vrouw I doet aan Polar Steps. Andere benamingen voor Bologna: la Dotta, la Rossa, la Grassa, La Turrita (resp. de geleerde, rode, vette en getorende). Een prachtige stad. We zitten aan de Via dell’Indipendenza die naar het Piazza Maggiore loopt. Bomvol wandelende Bolognezen. Rijen voor ijsverkopers. Op het Piazza een Pro-Palestina-demonstratie. Verderop een  goochelaar. Op een terras eten we tagliatelle met ragù alla bolognese. Niet verkeerd. We zien opvallend weinig fietsen.

In Memoriam JAN VENEKANT

Mijn oud-collega Jan Venekant is, 94 jaar oud, uit de tijd gekomen. Hoe kort ik ook met hem heb samengewerkt, ik herinner me hem heel goed. Jan was een fijne collega en een fijn mens. Hij kon goed overweg met leerlingen en als het een collega even tegenzat op het persoonlijke vlak, vond Jan troostende woorden. Ik zie hem nog het plein aan Smedingeslag opfietsen. Onze school, MAVO Allee, stond op het punt te fuseren met MAVO Baander. Jan leerde me kritisch op de directie te zijn zonder zware woorden te gebruiken.

Samen met vakgenoten Klabou en Bonkes zat hij in de westelijke vleugel. Een licht eigengereid ploegje, met een eigen deur naar buiten. Jan was naast docent leerlingbegeleider en voerde gesprekken met leerlingen waar nu een psycholoog, of coach voor wordt ingezet. Klabou en Jan hadden meer gemeen: ze konden dansen als de beste en waren verwoede koorzangers.

De fusie met de Baander, leidend tot De Dissel, bracht enige reuring, herbezinning op onderwijsdoelen, extra vergaderingen, maar ook kansen met zich mee. De sectie Nederlands werd uitgebreid met vaklui Schilder en Kraakman, en versterkt met vogels van diverse pluimage Bodaan, De Geest, Gerssen, Bron, Winter en Jan Venekant.

De harde kern van de vaksectie waren collega’s die lid waren van VON en vakblad Moer lazen als communisten De Waarheid of Heiligen der Laatste Dagen de bijbel. En dat resoneerde fijn in de sectievergaderingen. Als superjonge sectievoorzitter had ik een gouden tijd. Dat we op een goede dag poppenkastspelen introduceerden als vehikel voor spreekvaardigheid was een enkeling even ontgaan. Ook discussiëren werd een tentamenonderdeel. De directie was blij met inhoudelijke discussies en bemoeide zich niet met vakinhoudelijke zaken.

Met Hans Klabou was Jan de organisator van de grote avond in de Muzeval. Zang, gymnastische oefeningen, muziek, een zingende zaag, een clown die een vrouw met een echte cirkelzaag wilde doorzagen en personeelsleden met mierzoete liedjes die een valse kern bevatten. Kraakman en ik begeleidden een cabaretgroepje met leerlingen. De later bij SBS6 doorgebroken sportpresentator Leo Oldenburger sloot een cabaretje af met het woordje kut. Dat ging de organisatie net iets te ver en in een voorwoord werd zonder dramatisch te doen hiervan afstand genomen.

Het was de tijd van de V(ervroegde) U(it)Treding). Een aardig koppeltje collega’s maakte de baan vrij voor novieten en vertrok. Twintigster Kirkenier was Jans vervanger. Ik herinner me dat Klok namens de 56-jarige afscheidnemenden een speech hield. Later werd in de personeelskamer gefluisterd dat Jan triomfen vierde als tractorchauffeur op de boerderij van zijn zoon of dochter. Prachttijden.

JOURNAAL week 17 (2026)

ZONDAGMORGEN De 26 fietsers verdelen zich in twee groepen. Onze groep bestaat uit drie mannen van gemiddeld 73 en tien (veel jongere) vrouwen, schaatsers, skeeleraars en hardlopers. We doen 62 kms door noordwest-Groningen vanuit de nieuwe Spaaklocatie aan het Hoendiep. Als ik geen kopwerk doe houd ik het goed vol. Langs het Reitdiep, de herstelde Dokwerderderbrug over, Steentil, Tolhek, Den Ham en andere feeërieke gehuchten komen we aan in Zoutkamp voor twee minuten rust, een banaantje en een blik op de haven.

ZONDAGMIDDAG Klassieke poëzie ontmoet, op ‘versmeltende verbinding’ jagend, rap en hiphop. Zondagmiddag om 15.00 uur zit het museumcafé ramvol. Dasha, Riley, Just Ron, Hiphoppers en rappers, hebben, daartoe aangestoken door Anne Boorsma, teksten van J. P. Rawie gebruikt voor hun taalspecialisme: met een zeker ritme, vaart, en dynamiek teksten, woorden, flarden via een microfoon versterkt en met vlotte bewegingen ten gehore brengen. De haperende geluidsinstallatie en een om de paar seconden piepend en krakend openende automatische buitendeur verbeelden de situatie van het GM: gastvrij op zijn zuinigst. Het overwegend seniore publiek is onder de indruk van deze ultieme verbindingspoging, L noemt het schattig. Het bijna feestvarken, Rawie wordt morgen 75, zit in zijn beste pak aan een lange tafel met officials alles bereidwillig, onverstoord en soms glimmend als een opgewreven goudreinet, aan te horen. Hij is zodanig onder de indruk dat hij vergeet een dankwoordje aan de performers uit te spreken.

MAANDAG Gelato bestellen bij een gelateria, opscheppen over prestaties, uitleggen hoe de fiscus werkt, misdaad melden, inpakken voor een reis, pijnsymptomen beschrijven: willekeurige lesonderwerpen van DuoLingo. Niets vanuit grammaticale begrippen maar alles vanuit concrete omstandigheden. Ongemerkt leer ik iets over de futuro, de conditionalis en (veel) meer.

DINSDAG Italië komt dichterbij. Van 1 – 21 mei treinen we naar en door het noorden van wat ik Meloniland ben gaan noemen. Na Monaco (München) Bologna, Parma, Modena, Ravenna, Ferrara, Padova, Treviso, Conegliano, Vicenza en Verona. Mor vandoag eerst nog even bieproaten met K terwijl voor de RUG een ijsproject wordt uitgevoerd.

WOENSDAG Met T gewandeld rond Gieten. Ouwe verhalen opgerakeld, elkaar bijna altijd gelijk gegeven, de boerderij van boerin Agnes voorbijgelopen, de merites van openbaar onderwijs, info over de paus en de verderfelijke rol van oorlogsmisdaden uitvoerende en goedpratende Amerika en Israël uitgewisseld en bijna geconcludeerd dat als je religies maar achter de (voor)deur houdt veel wereldproblemen zouden oplossen. Dat mijn fiere, vlotte, zekere, gezwinde pas allengs wat aan stabiliteit inboet zal aan de genen liggen en baart me zorgen maar neem ik voor lief.

DONDERDAG Yessss, de gemeente kent onze buurtvereniging een bescheiden subsidie toe voor een wandelproject in/rond het A-Kwartier, startend vanaf de week van de biodiverse duurzaamheid eind mei. Kunst langs de singels, Geveltuinen, Noorderplantsoen, Stadspark en Metamorfosen, schilderijen van een particuliere Ovidius- en beeldendekunstliefhebber.

VRIJDAG De Ruach-tentoonstelling in de A-kerk is als een boek van Buwalda, je moet moeite doen om waardering voor het werk te voelen. Ik zie bijzonder werk van Arno Kramer, lees in een bijschrift met een extreem hoog flauwekulgehalte dat het ongrijpbare wordt verbeeld. Sja. Toch kijk ik geboeid naar het werk dat van onheilspellend zwart met een  perspectivistische lenigheid die doorgaans enkel aan verzonnen goden en drankorgels is voorbehouden via zwarte raven naar compulsief-obsessief kinderlijk getekende kleurige rondingen gaat boven eenvoudig getrokken lijnenwerk.

VRIJDAGAVOND Kernenergie- en Waddendeskundige, milieuactivist, vleermuisexpert Klarissa Nienhuys begeleidt een vleermuisexcursie naar/door het Noorderplantsoen. We zien en horen enkele van de twaalf in Groningen voorkomende vleermuissoorten. Interessant. Bijzonder. Leerzaam.

 

Grootkoorconcert voor de Zonnebloem, Groningen 15 april 2026

In mijn zevende, achtste Grootkoorconcert, met een programma dat met slechts twaalf nummers aan de karige kant is spatten mijn gedachten alle kanten op als zeepsopdruppels op een besmeurde stoep. Deze aflevering, met minimale deelname van mannen, komt niet in mijn top-III. Ik heb volop gelegenheid en tijd om wat weg te dromen. Toch hebben we heerlijk gezongen, begeleid door pianist Andy Booth en panfluitiste Carina Petersen; ik moet mijn opvattingen over dit instrument resetten: wow wat een aan virtuositeit grenzende musicista! En wat een jurk!

Uit mijn jeugd ken ik flarden van de musical The Sound of Music. Het kinderlijk openhartige ‘do-re-mi’ is als een plakkende zool op een keukenvloer: bijna onverwijderbaar als het eenmaal in je hoofd zit. Ook ‘The hills are alive’ en ‘Climb ev’ry mountain’ zingen heerlijk weg. Dat we de alten (onder wie ik twee meiden van begin twintig ontwaar) en sopranen niet in dirndl-outfits hebben kunnen snoeren is misschien toch niet zo verkeerd geweest.

Dan twee nummers van A. L. Webber ‘Any dream will do’ en ‘Love changes everything’, beide nummers passen precies in mijn associatieve gedachtenwereld. Dromen, liefde, verlangen, passie, wat een contrast met wat ik zie: koude stenen muren, onbereikbare gewelfbogen, antieke kroonluchters,  ongemakkelijke koorstoeltjes, vloerzerken met wie weet wat en wie in welke staat daaronder en minimale stadsgeluiden. Vanwege het ontbreken van organist Martin Mans, voor wie gek genoeg in orgelprovincie Groningen geen vervanger is gevonden, een extra pianosolo, in deze kerk bijna net zo weinig passend als zeepsopgedachten.

Het nummer ‘I’ll wish I had given him more’ doet me denken aan de film Pillion die we zondag in Forum zagen. Een onmogelijke liefde tussen een dominante en onderdanige man, beiden wensend de ander meer te kunnen geven. Hilarisch, pijnlijk, gevoelig, expliciet, hartstochtelijk, op het cartooneske af. Vooral de passage waarbij de wat ielere subs met ontblote billen op een ontbijttafel smachtend wachtend klaarliggen voor penetratie door de vervaarlijk getatoeëerde, met kettingen behangen doms, allen met grote motorlaarzen, sommigen met snorren als schoorsteenvegers, eentje met een vervaarlijke piercing in zijn immense eikel, tijdens een groepsuitje in de prille natuur, werkt vervreemdend hier in de Martinikerk.

Om me heen zie ik lieve vrolijke onschuldige mensen, grijze mannen en veelal op mijn tantes, oud-collega’s en buurvrouwen lijkende vrouwen. Ik vraag me af wie de film Pillion ook heeft gezien en nu, al lekker uithalend, de stembanden en middenrif beurtelings spannend en vierend, mijn gedachten over een film met homoseksuele SM-mannen deelt. De gedachten lezen van koorgenoten is en blijft een taaie klus.

In de pauze vergapen we ons aan de imposante perfect geschilderde levensgrote bijbelse taferelen van Egbert Modderman langs Martini’s gangpaden. De argeloze kijker fantaseert over wat we nu in Israël dagelijks voorbij zien komen: onderdrukte, geketende, vermoorde Palestijnen in mensonterende toestanden. De kunst en het nummer ‘Peace like a river’ katapulteren me naar het Midden-Oosten waar, ondanks het overal maar niet in Israël geldende oorlogsrecht, de gruwelijkste oorlogsmisdaden plaatsvinden jegens Palestijnen.

Alles trekt terug, een voorjaarsdag

08.30 Na vijf kwartieren DuoLingo Italiaans, op de 69e dag ook met leesopdrachtjes, stap ik naar buiten. In een uitbundige voorjaarszon. Mijn handen vol met afval voor de ondergrondse container en een nog lege boodschappentas groet ik A. Ze laat zich op een krukje voor d’r atelier koesteren door de zon. In de geveltuin van T doet de Wisteria haar best weer de meest gefotografeerde klimmer van Stad te worden. Ik denk nog wat na over het nieuws dat mijn leeftijdscategorie de meeste verkeersdoden oplevert.

08.35 Naast de vuilcontainer ligt een buikige afzenderloze dunne plastic zak die ik ook dump. Wat een lekkere dag ligt voor me. In de statistieken heet ik ‘een fietsende oude man’. Met de groenteman neem ik de nieuwe Schjif van Vijf door. Minder vlees en meer peulvruchten. Bij Stadsakker koop ik vijf pootaardappelen, Valencia’s.

11.00 Naar L voor de mondhygiënecheck. Tandarts J vult een gat in de markt: Dental Academy. Hij herstelt een gaatje in een kroon. Het minieme vier jaar oude vullinkje verbergt een opening naar een schroefje in het implantaat, zo kan hij er altijd bij. ‘k Vraag me af of dit onder de garantie valt.

14.00 Met C een terrasje in Stad, voorafgaand aan een Gronings uurtje in het SpraakLab van de RUG: Koffie & Keuvel, waar twee promovenda’s klaar zitten om met ons in de één na mooiste regiotaal te praten. Ik glimlach om de immense, schier oneindige, faciliteiten op de uni voor promotiegasten. Waar zijn de andere deelnemers van de cursussen Gronings die we afrondden? De in bescheidenheid en inertie verzuipende instituten die de Groningse lessen aanbieden doen niets om de leergierige cursisten voor te lichten over streektaalgerelateeerde events. Tuurlijk zijn die er: in het A-Theater Gronings toneel of muziek, in Hoogezand de dag van het Gronings, Meertmoand Toalmoand. Dat doen ze in Friesland anders, weet ik. Ik ga ze helpen en voeg om

17.00 de daad bij het woord en pak mijn oude e-mailbestanden erbij en zend een uitnodiging naar de lesgroepen uit 2025 en 2023. Het spijt me te horen dat er inmiddels een cursuslid uit de tijd is gekomen. Verrek, denk ik, toch geen fietsongeluk? Ook reageert mijn lesbuurmeisje K, een vrouw die ik in een splitsecond voor mijn ogen tover, niet voor niks zat ze in mijn TopTwee.

17.45 Ik ken inmiddels enkele mensen met NAH (niet aangeboren hersenletsel) en ik vraag me af of ik op mijn Gazelle een helm moet gaan dragen.

18.00 Teruglopend van de brievenbus waar ik een kaart naar een achterneef post, zie ik H, een Ludemafilmgroepslid en tevens groenwerker in de Biotoop te Haren. Met H kan ik altijd lekker lachen. We bulderen wat af. Hij schenkt me dahliaknollen en Hop-scheuten. De hopstekken komen van een groep kunstenaars uit Westerhavenstraat die er een prachtig kunstproject aan koppelen. Als ik vertel H over mijn mondhygiënecheck, zegt hij invoelend: ‘Ach ja, alles trekt terug,’ en vergeet ‘m voor Pillion uit te nodigen.

‘de barones’ van de Kia-picanto

Naar onze deelauto lopend zie ik een mevrouw met een aangelijnde hazewindhond. Fijne tante. Doorsnede Agnes Kant en Carola Schouten. Watergolven met een nauwelijks zichtbare paarse gloed op haar hoofdhuid, oorringen, rinkelend nepgoud onder de halfopen jas, guitige oogopslag, aangezette wimpers en gelnagels, ‘rosso pomodoro’, my favourite. ‘Lijkt veel op Siebelinks, god hebbe zijn ziel, hond Tikker,’ etaleer ik, naar haar hond wijzend, mijn literaire kennis in de aanloop naar een gesprek.  ‘Ha, I know,’ antwoordt ze vlot, ‘hond dood, vrouw dood, misschien dat hij zich nog aan bijbelse sprookjes kan vastklampen, maar wat een schrijver!’  Met een geroutineerde handbeweging sluit ze op afstand haar KIA-picanto.

Ze woont sinds kort in Stad en is dolgelukkig met de groene strook aan Praedinius, vertelt ze. Als de hazewind zijn rug kromt en zich schrap zet om een drol te draaien, pakt zij, die ik in gedachten al ‘de barones’ noem, zo’n transparant bezinetankershandschoentje uit d’r tas en maakt aanstalten om de, laat ik het woord dampende achterwege laten, verse drol op te rapen. Met een routine die me blij maakt schudt ze het handschoentje, automatisch binnenstebuiten kerend, af, zodat ze de geplastificeerde drol opvangt in haar handpalm. Ze glimlacht warm.

We lopen rustig pratend verder. Net als ik haar wil uitnodigen voor een kop thee in Luhu, zegt ze: ‘Wacht vent, even dumpen,’ en wijst naar de vuilnisbak aan de straatoverzijde. ‘Ja,’ gaat ze door, ‘ik zie je kijken, niks aan de hand hoor, straks even de handen wassen en klaar.’

In de hoek van de serre gezeten, onder het enorme tableau van mos dat me aan mijn Fleischmanntreinopstelling uit mijn jeugd doet denken, praten we in Luhu verder.

We keuvelen over literatuur, honden en smerige kwarweitjes. Bij dat laatste onderwerp kijkt ze me uitdagend aan alsof ze wil zeggen: en nu jij. Ik denk terug aan de tijd dat we in het Drentse dorpje S. woonden. Het grote grasveld werd geteisterd door mollen. Van buurmannen Bertus en Jo had ik mollenklemmen geleend, maar vergat ze te checken. Ik pakte de onzicht- en onruikbaar tot milde ontbinding overgegane mol op en wilde ‘m weggooien. Het staartje knapte en de mol verdween in mijn Welkoop-laars. Geschrokken stapte ik naar voren en plette kleine Momfer tussen de stugge harde laarsschacht en mijn scheenbeen. Ik voel het nog.

JOURNAAL week 13 (2026)

ZATERDAG De Italiaanse film La Grazia toont het lege, eenzame leven van il Presidente. Hij lijdt onder vermeend overspel van zijn overleden vrouw maar als hij er ultimamente achter komt dat zijn liefdesrivaal een vrouw is treedt ontspanning in. Leuke film. Thema’s euthanasie en gratieverzoeken spelen een grote rol. Vervreemdende elementen: een zwarte paus, een prominente rol voor rapmuziek, een robothond die voor de parade uit door de stad loopt. Voor beginnende studenten Italiaans una festa del linguaggio.

ZONDAG De Urban Trail Run, een run door de stad, niet alleen over/langs hotspots maar er ook dwars doorheen. Er doen 4.500 lopers mee. Het erachter liggende goede doel is het KWF. Kanker, overvalt één van de twee Nederlanders. Een fraai onderdeel: de museumtuin in het A-Kwartier.

MAANDAG Mooi weer, weinig wind, ideaal fietsweer. Het wordt zuidelijk, richting Tynaarlo en Vries. Na de voorjaarsbeurt (mijn Giant TCR kreeg een nieuwe ketting, cassette en voorblad) rijdt-ie weer als ‘n zon. Anders dan de gemiddelde autozaak heeft de fietshersteller enkele dagen nodig voor het bestellen van onderdelen.

DINSDAG Anders dan Den Haag waar de bedenkelijke cliëntilistische politiek van Ries de Mos een fikse verkiezingswinst haalde, levert de leidende partij in Groningen enkele zetels in. De wijkwethouder binnenstad alias eerste loco (V) haalt meer stemmen dan de lijsttrekker (M). Onze buurtvereniging wil redelijk zijn en blijven overleggen. We dienen een lijst met twintig vragen/bespreekpunten in voor het periodieke overleg. Verkeer, veiligheid, herstel Visserbrug, groen en beheer en het Museum aan de A. Vorige week hadden we onze vijfde (en laatste) buurtinloop met een lezing over vleermuizen in Stad. In mei organiseren we een culinaire zwerftocht langs acht restaurants. De activisten onder ons lezen over steden die de strijd tegen peukenverontreiniging willen aanbinden. Groningen gaat ’t ondersteunen.

WOENSDAG Talencursus DuoLingo is krek wat voor mij. Dagelijks doe ik een hoofdstuk Italiaans. D.w.z. 19 oefeningetjes van elk 17 woorden of (delen van) zinnen: vertalen, nazeggen, invullen. Samen dus 323. Ogni giorno. Het algoritme tovert me inspanningen van medestudenten voor. Of ze echt zijn? Geen idee. Je kunt promoveren van parel naar ametist naar diamant. Per dag zijn ‘juwelen’ te verdienen. Je dagelijkse en/of wekelijkse inspanningen, met promotie- en degradatiezone, worden bijgehouden en getoond. Na de films Gioia Mia, La Grazia, kijk ik uit naar Il Conformista uit 1970 van Bertolucci.

DONDERDAG Ons campingavontuur te Sleen leverde enkele goede vrienden op. Op bezoek bij twee in Meppen leren we dat bosperceeltjes te koop zijn, voor de prijs van vier viooltjes op de markt per m2 . Veertig jaar geleden in trek bij allesbranderfetisjisten of boeren op zoek naar geriefhout voor hekken, afrasteringspaaltjes of ruige stalvegers.

VRIJDAG De 107-jarige voetbalvereniging krijgt een tentoonstelling in een dorpshuis ergens in Ommelaand. Je gaat kijken en ziet dat de laatste 50 jaar zijn overgeslagen. Er hangen foto’s van voetballers van andere clubs. Daar doet Kunstcentrum De Ploeg in Wehe den Hoorn me aan denken. Wel hedendaagse kunstenaars (met, zeker prachtig werk, o.a. van M. Buter, Oostwand Grote Markt vanuit reuzenradperspectief)) maar nietsnadaniente van huidige Ploegleden. Raar, toch? De psycholoog spreekt van passieve agressie.

ZATERDAG De laatste repetitie voor ons Grootkoorconcert. Groningen is de grootste deelnemer van het land met, schat ik 130 zangers. Het goede doel is De Zonnebloem.

ROTTERDAM

We houden ons hart en de stangen vast als de watertaxi met 50km/u stuiterend botsend over de Nieuwe Maas jakkert. De kap’tein doet er een schepje bovenop als hij een bocht doet en de boot bijna water maakt. Lefgozer. Typisch Rotterdam? We overnachten op SS Rotterdam: 228 m, 41 m hoog, 28 m breed, 13 dekken. Vriend Jaap Meijer werkte ooit als 1e Werktuigbouwkundig ing. op deze schuit.

In 010 om je heen kijkend begrijp je wat het woord skyline betekent. Wereldstad. Manhattan aan de Maas. Kenmerkend: we zien een pilaar die een metrolijn annex viaduct schraagt. Hadden ze natuurlijk wit of grijs kunnen schilderen. Maar wat doen Aboutaleb en nu Schouten: stimuleren kunstenaars er een kleurrijk prachtexemplaar van te maken.

Er zijn twee zwaarwegende redenen om het fotomuseum Rotterdam te bezoeken: het bestaat maar kort en nicht Suzette exposeert er. Een groot oud fabriekspand is verbouwd tot een prachtig museum. Overal zie je de oerconstructie. Kijk je verder dan staat fotografie, het museum is het grootste fotografiemuseum ter wereld met meer dam 6,5 miljoen objecten, in al zijn vormen te kijk. Suzette heeft zich gespecialiseerd in het in mooie blauwen fotograferen van plastic rommel uit de zeeën. Ze heeft een joekel van een wand met futurologische archeologie Future Relics II met cyanotypieën. Prachtig, bijzonder werk! Zou ze Bojan Slat kennen?

Werk van Banksy hangt in Las Palmas. We verbazen ons over de anonieme (straat)kunstenaar (Robin Gunningham?) die met sjablonen humoristisch, opmerkelijk werk, vaak in de buitenlucht, maakt. Zijn belangrijkste werk werd geshredderd op het moment dat de veiling sloot. Zijn maatschappijkritische toon wordt niet door iedereen gepruimd, een werk waarbij een Engelse bepruikte rechter een demonstrant te lijf gaat werd snel verwijderd.

R’dam telt 175 nationaliteiten. Mijn Qatarese student is er één van. Migreren kleeft even sterk aan R’dam als werken, (wederop)bouwen, kankeren, praatjes maken, Deelder, snuiven, gentrificeren, optimisme, uithalen, Schouten, schoffelen en openstaan voor andere culturen. Museum Feniks belichaamt en verzinnebeeldt dit allemaal: 16.000 m² kunst, alles geënt op migratie: liefde, afscheid, familie, heimwee en geluk. De ruime placering van de objecten geeft een prettig gevoel. Je bent in een grote fabriekshal en steeds wordt je oog getrokken naar interessante, opgeblazen, bizarre, bijzondere objecten. Een grafkist in de vorm van een auto, een kunststoffen bus vol met reizigers, een abstracte Willem de Koning, een eens per half uur loeihard dichtslaand hek dat de muur doet afbrokkelen om de dichte grenzen en deuren die toch ooit eens neergaan te symboliseren, te veel om op te noemen. En wat een majesteitelijke trapconstructie met glimmend (om het half uur gepoetst, ja echt) staal en een met koffers volgepropte inmiddels iconische zaal.

Film Joe Speedboot & Matthäus Passion

DONDERDAG Dat Joe Speedboot voor Fransje de verlosser is kan je best zeggen. Na de in de eerste scene verbeelde suïcidepoging, Fransje ligt in hoog gras te wachten op de vlijmscherpe messen van de cyclomaaier, kan je met Joe’s bemoeienis spreken van Fransjes wederopstanding. Joe heeft oog voor Fransje ondanks zijn beperking, een dwarslaesie.

Joe Speedboot is de beste Nederlandse speelfilm ever. Vijf sterren. Mijn twee medefilmbezoekers komen op 4 resp. 3. Het thema van de film is vriendschap. Vriendschap door dik en dun. Het hoofdpersoonschap wordt gedeeld door Fransje en Joe en later PJ, een jonge vrouw die haar aandacht goed weet te verdelen. Fransje is kneiterverliefd op haar. Wat zien we? Brabants platteland, losgeslagen hypercreatieve jongeren. Naast humoristisch vond ik de film zeer ontroerend. Hoe plattelandspubers zich over een jongen met een beperking ontfermen. Ook zijn ouders doen hun best, maar ja, de beste bedoelingen blinken uit in en monden uit op drama. De jaren door Fransje geperste briketten zijn niet echt marktwaardig, ook in Brabant was de open allesbrander al vervangen door gaskachels.

Krantrecensies spreken veel over de voice-over die al dan niet nut heeft, maar die vanwege het gebrek aan spraakvermogen van Fransje nodig is. Een van de mooiste scenes is de opwinding als blijkt dat het zelfgebouwde vliegtuigje kan vliegen. Misschien de allermooiste als Fransje, getraind in armpje drukken, de gekste kermissporters verslaat. Ook een schitterende, zachte seksscene is het herinneren waard. Misschien wat voorspelbaar, maar dat is dan ook mijn enige klacht. Dat in de armpjedrukkersarena een enkele anti-Duitse platitude er doorgekomen is: soit.

VRIJDAG En dan de Matthäus Passion in de voor het Luthers Bach Ensemble al kenmerkende semi-scenische uitvoering: geen zwarte pakken en jurken, geen bladmuziek en een tussen de musici zittende artistiek leider die bewijst dat je best zonder een dirigent kan. Je vraagt je af waarom niet alle MP’s zo worden uitgevoerd. We hoorden meesterlijke muziek van (in de woorden van artistiek leider Pantus) harmoniefetisjist Bach. Het concert start als een flash-mob: van verschillende kanten komen de zangers aangewandeld en verzamelen zich in hun dagelijkse kloffie op het podium. Jongenskoor uit Roden erbij en knallen.

De evangelist, de Jezus, Judas, hogepriester, Pilatus, alle andere solisten en de koren: eersteklas zangers, met zelden een misser. Spatzuiver, dynamisch, harmonieus en heel aardig geacteerd, geen spoor van goedkoop effectbejag laat staan schmieren.

Het verhaal is oude koek (zeg nooit ‘apekool’) vanzelf: bijbelse list, verraad, verminking, boete, schuld, moord en bedrog, Joe Speedboot is er niks bij, maar alles wel in een gouden muziekbedje, onder mijn drie kledinglagen ervaar ik soms puur en hevig kippenvel. Veel van de gezongen teksten zijn onverstaanbaar, en de hele tijd met je neus in het programmaboekske zitten lezen is natuurlijk geen optie. Maar ook hier geldt: de verhaallijn is onderhand wel bekend en de bedwelmende muziek van Bach maakt alles draaglijk, maar ja wij zaten dan ook vooraan op de zesde rij. Naast mij de in Groningen en ver daarbuiten vermaarde schilder H die wat schrok toen ik hem in de pauze toevertrouwde dat ik mezelf als hardcore atheïst beschouw. Prachtavond. Goed licht. Lauwe thee in de pauze, niks mis mee. Volle bak in de Martinikerk. Nu nog een stap maken: de koralen op doek projecteren zoals Jan Rot het deed en het publiek vragen keihard mee te zingen. “Geduld, Geduld! Wenn mich falsche Zungen stechen. Leid ich wider meine Schuld Schimpf und Spott,” enzovoort.

JOURNAAL week 10 (2026)

ZONDAGMORGEN Na 4,5 maand fiets ik weer met de SpaakMasters. Hoewel ik de laatste tijd veel gewandeld heb, met vorige week 18 en 17 kms, sluipt er nu een onzekerheidje bij mij naar binnen. Omdat mijn tubeless met blote handen niet van de velg te krijgen is, wil ik graag een achterwacht met auto die mij bij een platte band kan ophalen. Het lukt, er staat een plofkraakauto klaar die i.c.e. vrouw I mag gebruiken. Dat ze niet durft rijden in dit beest maakt me niet uit, als het nodig is weet ze wel een chauffeur te vinden. De fietsrit gaat lekker. Een tweede vraag, of ik het tempo nog kan bijbenen, is loos.

ZONDAGAVOND Jan en Riny Bus vertellen over de wordingsgeschiedenis van de Mars. Hoe het 32 meters lange schip met een kadeplaats aan Hoge der A een atelier- en expositieschip is geworden, geschikt voor 25 meevarende gasten

MAANDAG Met een groepje actieve lieden de straten opschonen, op de eerste maandag van de maand, daar doen we graag aan mee. Deze keer met drie studenten van Albertus het lage plateau naast/onder de A-Brug, wow wat een effect.

DINSDAG Wijk Hortus Ebbinge organiseert een verkiezingsdebatavond. Zeven (kandidaat) raadsleden (van de 430!) en een enkele wethouder reageren op stellingen en gaan met elkaar en het 50-koppige publiek in gesprek over binnenstadsonderwerpen. Ben onder de indruk van de betrokkenheid van de buurtbewoners en de deskundigheid van de regio-politici. Het A-kwartier volgt op 13 maart in het A-Theater.

WOENSDAG Ik vraag me af of mechanisch klinkende adviezen mijn intrinsieke motivatie stimuleren of niet: Ik lees: “Top drie in de robijn divisie, extra juwelen verdienen, dagelijkse missies, geweldige spreker, je hebt in deze les vier spreekuitdagingen voltooid, laten we je zwakste grammatica-onderdeel versterken, dit niveau nog eens doornemen, uiteraard met een beloning aan het einde, voltooi deze extra moeilijke oefening en bereik het legendarische niveau, je hebt een XP boost gekregen.” Duo Lingo dus. Mijn dagelijkse vijf kwartieren Duo-Lingo-Italiaans werpen vruchten af. Dat ik op mijn 29e in Emmen een cursus Italiaans bij de Volksuniversiteit deed helpt nogal. En als aanvulling: veel Italiaanse films kijken, want ik wil toch één keer een fietsendief of een zakkenrollende geile ouwe die vrouw I laat struikelen ‘Fanculo tua madre, stronzo’ zonder hulp van Google Translate toe kunnen voegen op een druk plein.

DONDERDAG ‘Gedichten van De Schoolmeester’, een boek met 110 interessante spots in München en nu ‘Ik ben er niet’ van Lize Spit, die sinds ‘Het Smelt’ in mijn toptien zit. Heerlijk, de opbrengsten van onze Minibieb. Film Gioia Mia gezien over Noord-Italiaans jochie dat bij stokoude tante op Sicilië terechtkomt en guess what: er ontstaat begrip, vero! 

VRIJDAG Grazers kunnen moeilijk kiezen en willen overal aan meedoen. Ik ben een grazer. Vandaag de noodbrug zwart verven. Verder op het avondprogramma Meertmoand Toalmoand in het A-Theater en een avond Light Verse met o.a. Koos Dijksterhuis, Niek Kalberg, Bart Adjudant in schip de Verwondering. De Groninger avond valt vandaag af.