Wat een heerlijk boek. Verrassend. Nieuw. Tegendraads. Echt. Droog beschrijft de onbegrepen stadsduif, gehaat en zeer geliefd. Uitgebreid gaat hij in op het nare en pijnlijke verschijnsel ‘stringfoot’ en initiatieven om de stadsduif te beschermen. Overal staan mensen op om het woord dierenliefde inhoud te geven. Een van de interessantste en effectiefste initiatieven is de stadsduiventil in Gouda. Op een gemeentelijk gebouw staat een til van 25m²die door duifvrienden wordt beheerd. Op zorgvuldige wijze wordt de stadsduifpopulatie gemonitord, gesteund en beschermd.
Waar komt mijn belangstelling voor duiven vandaan?
Klaasom, Zwaagwesteinde, hield een duif in een kooitje boven de deur naar de gang. Oom Jaap, Veenwouden, hield, tot ver in deze eeuw, ook een duif in huis, maar die mocht vrij rondfladderen in de woonkamer. Duiven in huis, dacht ik, ware afstammelingen van Salomon Levy.
Vrouw I werkte in psychiatrisch ziekenhuis Licht en Kracht/Port Natal in Assen. Op het terrein stond een fiere duiventil op hoge poten. De eerste keer dat ik, overlopend van een explosieve mix van verliefdheid en testosteron, haar die later vrouw I zou worden in de gammele gele R-vier ophaalde, dacht ik: hebbes en over de til: die ga ik nog eens namaken. Zo, daar, toen, ontstond mijn fascinatie voor duiven.
Tijdens ons Pieterom-project in Sleen maakte ik, samen met zoon II, een replica van de Assense til. En ik ging duiven houden. Na ons Sleense avontuur bouwde ik in Emmen weer een duivenhok, eerst een sierlijk klein Rietveldiaans huis, later een effectieve iets grotere, deze keer met een echte invliegconstructie, een sputnik. In Nieuw-Amsterdam kocht ik duiven. Sierduiven, soms een Turkse tortel en vooral de speciale tuimelaars, ware luchtacrobaten. Valken en buizerds maakten dat ik vaker naar Nieuw Amsterdam reisde dan me lief was.
Mijn duivenboekencollectie groeide en ik begon duifobservaties op te schrijven: https://klaastaal.nl/duiven-tillen-unesco-deel-i/ en https://klaastaal.nl/6028-2/. Het verbaast me nog steeds hoeveel er over de duif wordt geschreven. Enkele interessante duifboeken: Rinse Sinkgraven – Dorus de doffer, Jon Day – De weg terug en nu dus Duif van Irwan Droog.
Vanwege de duif bezochten we het Griekse eiland Tinos, een eiland dat bekender staat om de honderden duifhuizen dan om de breed toegepaste dieronvriendelijke vastbindwijze van schapenpoten om weglopen te voorkomen. Omdat ik meer een vriend van de underdog dan van de Überhund ben ging ik steeds meer van duiven houden. Voeren, beschermen en verdedigen tegen de duivenhaters. Waar ik ook kom, (recent in Italië zie ik dat in alle Noord-Italiaanse steden middeleeuwse bouwwerken voorzien zijn van gaten in de muren, ideaal voor nestelende doffers en duivinnen) overal bekijk ik de duif en leer onnozelaars wat goed duivenvoer is.
In het algemeen kenmerken Nederlandse steden zich door een (passief) agressief antiduivenbeleid. Netten, de buks, spikes, gas, you name it. Groningen dat ten onrechte denkt dat er te veel stadsduiven zijn neemt de plaats van onzelieveheer in door aan geboorteregeling te doen. Aan voer wordt een anticonceptiemiddel toegevoegd om geboortes te beperken.





Als we naar de geschiedenis kijken is het des te bevreemdender dat Groningen zich als duiveninquisiteur opstelt, niet zoals onze oosterburen het tussen ’40 – ’45 deden vanwege de koeriersvaardigheden van de postduiven, nee enkel vanuit vermeende esthetische overwegingen. Groningen kent namelijk een flinke hoeveelheid superfraaie duiventillen. Vergeleken met Friesland (acht), Drenthe (vijf) telt de provincie Groningen maar liefst dertien, volgens het standaardwerk Nederlandse Duiventillen van Giezen-Nieuwenhuys en Wilmer². Ze zijn onder te verdelen in zeven duiventillen, drie duiventorens en drie poortgebouwen met duivenslag, heel vaak op het terrein van grote boerderijen en borgen. Heel speciaal zijn de poortgebouwen met een duivenslag, waarvan de fraaiste staat op borg Verhildersum te Leens. De grootste duiventillendichtheid is de provincie Utrecht, met als kern Amersfoort.
Waar Leeuwarden groot in is: de ‘mienskip’ samenbrengen in een groots opgezet spektakel. Na het lopende bos (
Leeuwarden legt de lat hoger dan consumptievermaak aanbieden. Wat Leeuwarden onderscheidt is een actieve toepassing van ‘de mienskip’, de regionale maatschappij, de inwoners en allerlei mogelijke verenigingen. Bouwurk doet denken aan een religieloze kerk, een kathedraal, een centrum van activiteit, artisticiteit en creativiteit. Het werd gebouwd door regionale en internationale partners, met dagelijks gratis drempelvrije evenementen, zoals: brood stoven, touw draaien, samen eten en zuurkool maken, muziek, open podium, silent disco, maak- en dwaansessies, te veel om op te noemen.
Pier Pander tempel, waar Saskia Noor met Liminal Spaces een stilte-ervaring uitlokt. Wat latjes uit de Praxis en lampen lichten de kale witte beelden uit. Paar gekleurde glasplaten erbij en dan is het na kennismaking met een vrijwilligende poortwachter toegankelijk voor slechts één bezoeker per rondleiding, die door de stilte gegrepen moet worden. Het historische tempeltje is meer dan de moeite waard en Noor doet d’r best er met stilte iets aan toe te voegen. Met een koperen staaf mag de bezoeker een tik tegen een vaas geven om de stilte te verbreken. That’s it.
) was AB de kampioen. Hij slaagde erin twee MAVO-scholen zonder ongelukken te laten fuseren, combineerde twee uiterste functies, directeur en actief vakbondsman, zonder dat iemand er moeite mee had, was in het politieke landschap van onrustige wethouders een stabiele factor en teamplayer pur sang, had zowel een perfecte helicopter view als oog voor details en hij bood nieuw en jong personeel de kans voor hun 25e sectievoorzitter te worden en zo een vinger in de pap bij heikele sollicitaties.
Mijn schrijfsels inspireren anderen, merk ik. Trouwe lezer T vertaalde met hulp van ChatGPT onlangs mijn gedicht Atsje in het Nederlands. Leuk hoor, maar bij een key word ging de AI-tool de mist in. Het woord ‘ôflukke’ werd ‘afleiden’ i.p.v. ‘aftrekken’. Trouwe lezer T gaat door en vraagt ChatGPT een column over Groningen in de stijl van Klaastaal te schrijven. Dat leverde ‘Stad van wieren en wierook’ op. Mijn reactie: Ik mis een wat verder gaande originaliteit, wat absurde vergelijkingen, maar verders: een zeven hoor! Trouwe lezer T liet een nieuwe versie schrijven met mijn gevraagde aanscherping en gelijk erbij een Friese vertaling. Een acht, is mijn beoordeling.
Ons deelauto-initiatief CCP, 
Heb je ooit in het onderwijs gewerkt dan blijf je alles volgen wat over je oude vak gaat. Ik houd de Volkskrant bij, vrienden sturen wetenswaardigheden uit Trouw en NRC. Ook films over het onderwijs hebben mijn belangstelling; ik zag Dead Poets Society, Être et avoir, Les choristes, Druk, om maar een paar te noemen. En nu dus ‘Favoriten’.
Met de islamitische achtergrond van juf en bijna alle leerlingen zit de kijker op het puntje van de stoel als er hete hangijzers voorbijkomen. Bijvoorbeeld bij de verschillende rollen van (dominante, Duits sprekende) vaders en (onderdanige, Turks blijven sprekende) moeders èn de biologieles. Op een levensgroot getekende man en vrouw worden lichaamsdelen geschreven. Ik moet denken aan mijn cursusboek Grunnegs ‘Zeg t mor’ waarin een identieke tekening wordt getoond, waarbij de schaamstreek enkel ‘geslachtsdailen’ vermeldt. Onze Weense juf spoort de leerlingen (basisschoolkids van zes t/m tien) aan de erbij passende woorden: ‘vagina’, ‘vulva’, ‘penis’, ‘ballen’ uit te spreken, erbij te schrijven en er, op ware grootte, bij te tekenen.
Het is bijna 2025, dus tijd voor een terugblik en een nieuwjaarsgroet. Die laatste in het Gronings. Mijn toezegging, een fles champagne voor de beste vertaling, gaat waarschijnlijk naar Emmen, waarvandaan twee behoorlijke inzendingen kwamen. Instinker was het woord ‘liepen’ dat niet de verleden tijd van ‘lopen’ is maar ‘huilen’ betekent. En ja, de nare onverzoenlijke houding tegenover de duif is natuurlijk een metafoor voor de vluchteling die zijn heil in ons land komt zoeken.