Journaal 14 augustus

Augustus is een echte fietsmaand. Op het programma staat Brugge – Ieper –  Diksmuide – Nieuwpoort – Brugge: niet de langste, wel een heel leuke aflevering van ‘Mythische Fietstochten in Europa’. Voor mij zit het mythische in het fietsen met mijn zoon. Krachtpatser. Beachvolleyballer. Zwemmer. Alleskunner. We rijden een heerlijke route op korrelige landbouwweggetjes in Zuidwest-België en Noord-Frankrijk.

Onderweg zien we keuterboeren die zonder omgekeerde vlaggen toch overleven. Stoffige weggetjes. Grind en grit. In weiden dikbilkoeien die hun geboortekanaal sectio caesarea noemen. We genieten van het landschap en een gemene klim en vertrouwen op de remblokken als boeren op landbouwsubsidies. We spotten brouwerijen die met het lekkerste bier Westvleteren op afstand blijven.

’s Avonds in Ieper verwordt herdenken tot een ordinair verdienmodel: een tot op het bot toeristisch afgekloven oorlogsherdenking met een dagelijkse ‘last post’. Dagelijks!! Ik word bijna blij met de Nederlandse variant, waarbij de tot koning en koningin gemaakten en hun dochter < die het verdomt gemaakt te worden tot spermaemmer bij het Amsterdamse corps > kransen leggen. Geen 365 maar één keer per jaar.

We bespreken bij een halve liter Leffe Blond de dag: een lekke band, afmattende taaie platten, vals als Turkse wimpers, onze vrouwelijke Sarah-Wiegman-ploegleider die we een heiligverklaring gunnen, Hollandse mosselen naast Vlaamse frieten op een warm terras, aangestaard door voorbij sjokkende achterkleinkinderen van oorlogsinvaliden, een vergelijkende analyse van de werkdruk en salariëring van docenten aan de uni en in het VMBO, een oplossing voor het Nederlandse energieprobleem: bepaal de gas/water/elektra-prijs op basis van huiswaarde en knijp toevoer af via slimme meters. En meer.

Een week later de Bauke Mollema-tocht. Met vijf kameraden doen we de 110 kms. We vergeven de naamgever dat hij een belastingparadijs verkiest boven wonen in Groningen. Bauke heeft het lijf van een achttienjarige, de selfiebereidheid van een Garmerwoldse Miss-verkiezing en de snelheid van een opgevoerde speedpedalec.  Rustig jakkerend rijgen Zoutkamp, Elektra, Zuidhorn, Aduard zich ongemerkt aaneen. We lachen om fietsrecensies waarbij het fietsstuur een ‘cockpit’ wordt genoemd. Onderweg proppen we ons vol met krentenbollen, bananen en sinaasappelen zodat de LF uit MAMILF¹ tot het uiterste gespannen raakt en pas pal voor de finish weer in model plooit. In mijn herstelronde twee dagen later haal ik solo de dertigplus. En augustus begint nog maar pas.

¹Midle-aged-men-in lycra-fibres

Spaak Masters,

Tussen Peize en Altena, met een redelijke tegenwind, zijn twee SpaakMasters eruit. Bietensap is perfect voor fietsers. Energiebesparing is onontkoombaar en de oplossing is eenvoudig: elk huis een slimme gasmeter en dan voor iedereen een verplichte gasreductie van 20% in 2023, met per elke 100K OZB-waarde 1 % erbij. Kun je zelf nog bepalen wanneer je er warm en wanneer koud bij wilt zitten. Voor watergebruik hetzelfde recept.

Vandaag doen er twaalf fietsers mee, onder wie een Engelsman en een Duitser. Zes mannen en zes vrouwen. De meesten al wel met een bel, maar spiegeltjes zijn er nauwelijks. Ontwikkelingen die de verkeersveiligheid bevorderen gaan soms langzaam. Kijk naar autogordels. Brommerhelmen. Dodehoekspiegels bij vrachtauto’s.

Sinds februari 2022 organiseert SPAAK de fietsgroep Masters op zondagmorgen. Wat een goede naam. Was even bang dat het ‘Seniors’ ging worden. Het leuke van de Spaak-Masters ligt ‘m in de deelnemers. Heel sympa fietsers. Geen opscheppers of hanen, is ook moeilijk met soms 80 % vrouwen. Altijd interessante gesprekken. Veiligheid voorop. Vandaag een vrouwelijke road-captain. Was ik bij de snelle nerveus rijdende Spaakgroepen vorig jaar beducht voor vallen en zondagmiddagse oververmoeidheid, nu niet en houd tijd over om de tweede koerscaptain die ook weleens iets met economie doet, te vragen hoe het komt dat in Nederland de middeninkomens de hoogste marginale belastingtarieven betalen en niet de topinkomens.

Onderweg even (staand) kort pauzeren en een banaan of energiekoek wegknagen. Bananenschillen (wegrottijd in de natuur tussen negen weken en twee jaar) worden veelal mee terug genomen. Ondertussen vragen of iemand meedoet aan de Bauke-Mollema-tocht, en vooruit, polsen of er iemand weleens denkt aan de Iron-Curtain-Trail van Noord-Finland tot Zuid-Turkije, een trip van 10.000 kms. Bedenkelijke gezichten. Pensionado’s in de groep, okee, maar een tocht van 100 dagen voorstellen gaat wat ver. Toch zie ik enkele voorhoofdrimpels.

Journaal 8 mei 2022

Beter worden in een koor vergt inspanning. Met zeven tenoren stand houden naast veertig sopranen vereist inzet, volharding, discipline, fitheid en doorzettingsvermogen. Sneller worden op de racefiets ook. Je twee uren inspannen om je tijd met enkele seconden te verbeteren betekent enkele keren verrekte diep gaan. Fietsen is dan louter lijden. Bovenbeenspieren schreeuwen om rust. Knieën verhitten als radiateurs in retro convertibles. Bij een kruising of talud moeten lossen en dan met pijn in de benen weer aanhaken en heel even aan opgeven denken maar dan toch doorgaan en beloond worden met het geluksgevoel dat je weer aanhaakt als een D’66’er die de slip van Kaag even kwijt was, daarvoor doe ik het. Pijn in de musculus vastus lateralis wisselt stuivertje met pijn in de medialis en de intermedius. Zou intensief sporten echt stofjes vrijmaken die maken dat je voelt dat je niet zonder kan, als een jonge boer die verslaafd raakt aan het infuus van subsidiestromen naast almaar stijgende melkprijzen?

Een fietsafspraak maken is soms moeilijk bij volle agenda’s; ik stel onbesuisd 06.00 uur voor. Fietsmaat zegt na wegen en wikken ja. Ik verheug me er een hele dag op. Fietsmaat die ik eerder oneerbiedig El Obrero noemde is een tweede Bauke Mollema. Ons gezamenlijke max is 30,7. Fietsmaat zit solo op 33-plus. Om zo hard te rijden moet je tegen de wind een kleine 30 doen en voor de wind zo’n 38. Bochten, filerijdend stadsverkeer, grind dat van aannemersaanhangers af is geflikkerd, giertanksporen, valangst, paardenpoep en ongeveegde landbouwweggetjes stagneren als ‘echt Frans’ Groninger stokbrood in maagdarmkanalen. Om vijf uur verwarm ik de beenspieren, rek en strek geconcentreerd, ontbijt en lees een gedicht van Peter Theunynck.  Licht obsessief-compulsief werk ik nauwgezet mijn ochtendrituelen af als moslims het tafeldekproces voor het suikerfeest.

Tegen zessen maakt koude plaats voor frisheid, schemering voor diffuus licht en stilte voor merelgeluiden. De drie uit Emmen meegevlogen tuimelaars scharrelen voor de deur en knikken me stimulerend en goedkeurend toe. Het wordt een rondje Zuidlaardermeer maar dan wel met een uitstulping langs Vries en Winde. Een meeuw langs Waterhuizen wijst ons de weg. Sereen wit fluitekruid, lichtblauwe seringen en diepgeel koolzaad bloeien als verzet in de Donbas. Het resultaat mag er zijn. Van 30,7 naar 31. Per uur. Een nieuw record.

Winterfietselfstedentocht VII

Na een doorfietsperiode in herfst en winter, letten op gezonde leefstijl en Dry January ben ik er klaar voor. Wat heb ik er een zin in! De hele week bouw ik aan mijn fysieke ontspanning, de poten zijn strak en de gedachten vrij. Ik slaap van 21.30 – 05.00 aan de Emmakade in een mooie logeerkamer bij een eersteklas hostess. Dan koffie, krentenbol en 500 gram yoghurt met fruit en muesli. Bij de start zie ik kortgebroekte Mark. Ondanks zijn 80 kms op zaterdag moet ik deze Mollema loslaten. Het is fris maar niet koud, winderig maar geen storm. Ik pik aan bij passerende groepjes. Overweeg welk kopgroepje mij het beste past. Aanpikken, kleven, volgen, hangen past bij zesenzestigjarigen als dubieuze zwijgzaamheid bij praatprogrammaeconoom Barbara B, de R-bank en Siewerd van L.

Als ik wat bredere billen zie, denk ik: wow, een vrouw, daar blijf ik achter. Dat gaat altijd lukken. Voor Sloten zie ik zijn baard. Een man met wat bredere heupen. Maakt die gedachte mij een seksist, vraag ik me tot Stavoren af. Elke stempelplaats verstevigt mijn fietsgevoel. Voorbij Sloten haak ik aan bij een kwartet snelle gasten. Accountmanagers in de zorg, schat ik. We jagen een hoge dertig, onder de dijk langs zelfs veertigplus. Bij Warns moet ik lossen. In Stavoren, na een krentenbol en een bidonrestje, voor pissen geen tijd, ga ik weer los. Ik zit op 29,8 gemiddeld. En dat met dertien keer wandelen bij stempelposten. Het aantrekken van mijn handschoenen kost veel tijd. Met moeite jaag ik weer op de zorgjongens. Beginveertigers. De beschermende luwte achter hen voelt als een verdiende uitkering.

Overal loert vertraging. In Hindeloopen stempelen verklede pijprokende oudheidkamermedewerkers. In Workum is het een passerend skûtsje. In Bolsward tank ik drie bouillon, een banaan en een krentenbol. Ik leg Canadese fietsers uit dat ministers de eed in het Fries mogen afleggen. Ze versnellen als ik over Gündoğans geile praatjes en billentikkerij bij Vonk begin. Ik zit nu op 30/uur. Richting Harlingen zit ik achter twee Stadskanaalster fysiotherapeuten, eindtwintigsters met gevlochten paardenstaarten. Franeker is zonbeschenen als verkiezingsprognoses voor GroenLinks. Overmoed ligt op de loer. Ik provoceer medefietsers en bestel een fles bier. Radler 0 %. Suikerwater. Twee plekjes op de billen worden gevoeliger. Snert, roggebrood met spek (!) in Stiens, en Fanta in de bidon. H e e r l i j k. Ik onderdruk mijn zin in een frikandel speciaal. De Matthäus Passion zit in mijn systeem. Het Mache Dich Mein Herze Rein dendert door mijn hoofd. Dokkum. Glas op de weg. Aldtsjerk. Naast me een man uit Slikkerveer met sportschoenen op de trappers, hij kijkt me aan als ik van neuriën overga op hard zingen van Ich will Jesum selbst begraben. In een grote groep bikkelen we naar Ljouwert. Het is bijna gezellig. Bonnema’s flat loert en lonkt.

Dan de aankomst bij de Elfstedenhal. Drie leuke vrouwen verwelkomen me en verrassen me met zoenen, een roos en getuigschrift. In het café wil een soort Frau Antje met mij op de foto.

Winterfietselfstedentocht VI

Op mijn leestafel ligt, naast Komijnsplitsers van Rijneveld, Fietsersbillenverzorging in zeven stappen en de langefietstochtenbijbel ‘Mytische fietstochten in Europa’ van Lonely Planet. De Elfstedentocht ontbreekt. Daarmee wordt het boek een belastingalmanak waarin Box I met giftenaftrek is vergeten. Als een daytrader die het verloop van put- of call-opties monitort, bestudeer ik dagelijks drie keer de meerdaagse van ‘buienradar’. Engelse wolken probeer ik door visualisering boven het Kanaal te laten ontladen. Met mijn hand op het laptopbeeldscherm de KNMI-thermometer omhoog laten schieten is nog wat lastig. Het gaat zondag veertien graden worden. Ik fantaseer over gladiolen. Maar eerst pasta, broccoli, bonbons, powernaps, kip en zon.

Zondag nog stukske gefietst met Masters van Spaak, incl. bedrijfsdirectie. Kristusziele, gaaf! Ooit een Citroën- of Lanciadealer meegemaakt die drie uren met klanten meegaat naar zandverstuiving in Bakkeveen, het strand bij Lemmer of de Rommelmarkt in Appingedam? Mevrouw, liefhebber van High Intensity Training in sportscholen, had het tochtje licht opgevat en fietsbroek met zeem thuisgelaten. Vierde fietsster voelt dat een bakje yoghurt als ontbijt aan de krappe kant is. Maar ze houdt vol. Snelle Jelles zijn als methadon voor dakloze gebruikers, de Matthäus Passion voor atheïsten, het hoofdstuk ‘miscellaneous’ in de dsm-bijbel voor weifelmoedige klusjespsychologen.

Mijn gedachten waaieren uit als vrolijk, onbezorgd fladderende plastic zakjes naast de prullenbak op Reitemakersrijge. Zondagavond een concert in de A-kerk. Bekeken door het Schnitgerorgel klinkt barok met Telemann, Graupner, Flasch en Bach. Uitgevoerd door Counterpoints. Contrapunten. Klinkt als echtpaar dat twee voordeuren gebruikt en apart slaapt. Na het concert een halve liter koude Veltins. Patat met joppiesaus in het Groninger Friethuys in plaats van Henri Schut met ‘Sport in beeld’.

Mijn stuurspiegeltje is onmisbaar. Gek, maar waar blijft de verplichting er één te hebben? Bij Speedpedalecs is-ie al geïntegreerd. Duurde de invoering van autospiegels aan passagierszijde ook zo lang? Mijn Sigmakilometerregistrant gaat dood. Ik bestel gelijk een nieuwe bij de Spaakdirectie. Fietsers zijn in een oogwenk vertrouwelijk. Als ik vertel over Marte Rölings zilveren duif op een rotonde op Tynaarlo’s bedrijventerrein, ik twijfel of je het industrieterrein kan noemen, waarvan er een gouden miniatuur in het UMCG staat, straatje oncologie of tandheelkunde, gaan we vertellen.

Winterfietselfstedentocht V

Fietsbedrijf SPAAK heeft de naam MASTERS bedacht voor senioren die op zondagmorgen een kleine 60 kms willen doen in een lief tempo. Goeie naam! Twee liefhebbers vergezellen me. Gemiddeld zijn we nog geen 60. Het wordt een heerlijk ritje, voor mij tussen twee woensdagen in met ritten van 130 en 170 echt een hersteltocht. Op maandag wil El Obrero ook een herstelrondje doen. Een kleine veertig worden het met bijna 30/u. Mijn lijf protesteert niet en herstelt graag. Dat betekent topvorm. Bovenbenen steigerstaal, dat werk.

Woensdag een flinke fietslus. Ik vertrek om 06.00 uur. Ondanks oostenwind ga ik zuidwaarts. Mijn Sigma kilometerteller is bevroren en geeft bij de start al op. Vervelend. Supervervelend voor een gewoontedier dat er in 1980 vanuit ging dat ‘Rituelen’ van Cees Nooteboom wel over amateurracefietsers moest gaan. In Borger, na ruim 40 kms en even onder de oksels heb ik Sigma weer gereanimeerd. Ook mijn handen zijn in- en inkoud, als het gevoelsleven van het Voltbestuur tegenover een vurig kamerlid. Ik vrees voor amputatie van mijn artrosepink, wit als de bloem van O’Keeffe.

Zoals biljarters voor elke driebander de loop van de witte bal visualiseren alvorens met de keu een stoot, of soms een kets te geven, visualiseer ik in de schemering de tocht. Van Drenthe maak ik Friesland. Zuidlaren wordt Sneek, Eext is IJlst en Borger Sloten. Het werkt. De stempelkaart wordt mijn telefoon waarmee ik het thuisfront geruststel en Google de gelegenheid geef me te volgen. Bij de dichter en de leraar in Odoorn brandt om 08.00 uur nog geen licht. Ik pauzeer bij een ouwe fietspik in Emmen (visualiseer: Balk) met wie ik ooit voor het eerst gemiddeld 30 jakkerde van Haren naar Emmen. Of ik even een verwarmde pittenzak op mijn verkleumde ledematen wil, vraagt zijn vrouw. De schat! Koek, gedeelde fietservaringen ophalen, citroenthee met honing en buurtverhalen ontdooien me.

In de zon naar Coevorden en De Krim. Dan via middeleeuwse fietspaden in Elim, Nieuw Moscou, afbuigen naar Hoogeveen en noordwaarts naar Beilen, Assen en Downton Abbey. Van Haren naar Groningen hang ik -met toestemming- achter een Peugeot Kisbee Active E5, gereden door een sympa wintermuts met driedagenbaard uit Zeijen op weg naar de Van Mesdagkliniek. De 170 kms geven me vertrouwen voor Friesland. Wy sille sjen.

Winterfietselfstedentocht IV

Vladimir valt Oekraïne binnen en Franky scoort eindelijk weer eens voor Barca. Ik luister elke dag naar flarden betoverende muziek uit de Mattheüs Passion, lees in Komijnsplitsers en blijf me verwonderen over nieuwe woorden. Friese paarden, virussen en stormen krijgen namen die alfabetisch oplopen. Natuurlijk klinken Delta, Eunice, Franklyn en Omikron minder sympathiek en appetijtelijk dan Foekje, Guoitske, en Neeltsje. Fietsers zien ook liever paarden dan zwarte wolken. Ik sla de zondagse fietstocht voor de eerste keer sinds eeuwen over en geef me over aan Rijnevelds nieuwste poëziebundel. Ondertussen bereid ik me voor op een midweeks tochtje van 125 km met Tío Pedro.

Fietsen biedt me tijd om mijn gedachten te ordenen. Heerlijk je te kunnen binden aan een nieuwe topschrijver. Rijneveld staat nu al voor Rooseboom en Wieringa. De titel ‘Komijnsplitsers’ pijnigt mijn hersens. Ik proef nagenietend van nieuwe woorden als afbiljoenen, lijden aan burchtverlies, biezenweer, polijstverlangen, merkelmes, heiregister, kilkeper en meer, op elke pagina meer!

Mijn fietsdoel is om na 130 kms fit thuis te komen. Krachten sparen dus. Zon, matige wind, krakende takjes op Drentse fietspaden, maken het tot een bijna zes uur durend plezier. Gelijk aan de tijd van zes praatprogramma’s met liefhebbers van sociaal incestueuze beantwoorders van geslotenvragenstellers. Praatprogrammamannen willen Vormeinungen bevestigd te zien als Poetin bankafschriften van westerse banken die zijn daden ‘uiterst scherp’ veroordelen. De fietstocht is gelijk aan de tijd van drie zaterdagskranten of twee digitale D66 webinars over stedelijk woonklimaat waarin de frases ‘opgetelde plancapaciteit’, ‘uitgekristalliseerde leefbaarheidsplannen’, ‘fuck VOLT’ en ‘een stukje openbaar vervoer’ voorkomen. Bijgewoond door maar liefst 28 schattige partijtijgers.

We kiezen deze keer voor een elfdorpentocht: Zuidlaren, Eext, Gieten, Gasselte, Borger, Emmen, Aalden, Orvelte, Westerbork, Zwiggelte, Vries. Iets langere afstanden worden gewoon.

Pedro leest The Guardian en laat Nederlands nieuws van zich afglijden als Vlaamse Gaaien waterdruppels. Ik praat ‘m bij over Mannes, Emmens surplus aan voetbalgogme en poneer de stelling dat je aan fietspaden kan zien of de burgemeester een fietser is of een Teslajongen (in Drenthe zijn geen vrouwelijke burgemeesters). Emmens burgemeester Eric van Oosterhout onderhoudt de fietspaden als drilrapgroupies hun billen: geveegd en strak. Marcel Thijsen van Tynaarlo en Jan Seton van Borger/Odoorn verwaarlozen bosfietspaden als Jong Ajax de defensie tegen een oppermachtig FC Emmen.

Winterfietselfstedentocht III

Buienradar volg ik intensiever dan Oekraïnenieuws of Volt dat (primeur!) een vrouw heeft betrapt op grensoverschrijdend gedrag. Wat Gündoğan gedaan of gezegd zal hebben prikkelt mijn nieuwsgierigheid als tassenwinkels oudere vrouwen. Of heeft Volt gewoon last van het in Den Haag enig zichtbare, overassertieve Tweede-Kamerlid dat zich aan ‘s fractieleiders bleekheid ontworstelt en zich ondubbelzinnig uitspreekt?

Maar of Buienradar bestuderen zin heeft? Op 13 maart, in de echte tocht, hebben we ook geen keus. Dan maar op zondagmorgen het eerste stuk voor de wind rijden en onderweg elkaar praatjes verkopen. Met als ongewenst bij-effect: tegenwind aan het eind. Uitgewoond, kapot, gesloopt en dat al na 106 kms. Grijpskerk, hometown Kollum, Anjum, Lauwersoog, Houwerzijl glijden voorbij als cocaïnecontainers langs de Rotterdamse douane. Duizenden ganzen kijken ons als omgekeerde wappies glazig aan: even online een petitie invullen, okee, maar meedoen in de Black-Lives-demonstratie gaat veel te ver. De vogels herkennen mijn einde-der-tijden-gevoel net voordat ze door een zeearend worden verschalkt. Ik word slechts tijdelijk opgegeten.

Op de terugweg heeft hongerklop mij in de tang. Mijn lijf stelt me voor raadselen. Wat gebeurt er? Ik word gemangeld. Uitgeknepen. Verpulverd. Benen, fietsers zeggen poten, als losse flodders. Longen lekke ballonnen. El Obrero’s reepje helpt niet. Welk gevoel beheerst dan de zesenzestigjarige? Twijfel natuurlijk, wantrouwen vermorzelt vertrouwen. Het lijf zwabbert en dweilt. Verdomme. Onbegrip. En onmiddellijk daarna als in het rouwproces na de dood van een kennis die tegen beter weten in waarde blijft hechten aan facebook- of groepsappfelicitaties: schrik, rouw, berusting en aanvaarding. Behalve voor de overledene gaat het leven wel door, hè. Mentaal herstel volgt vlot met een tactische aanpassing: rustiger starten, vasthouden aan wedstrijdplan.

Duurt een marathon voor geoefende goedwillende amateurlopers een uurtje of drie, vier, deze fietstocht is maar liefst een drievoudige Ausdauertest. Eerder pauzes inlassen dan maar, langer rusten. Uitrijden is belangrijker dan een hijgerige tijd neerzetten. Volgende week met 25 kms erbij naar 125. Door de week een herstelrondje van 50. Wy sille sjen.

Winterfietselfstedentocht II

Op de dag dat de wedstrijd Tegendewindfietsen wordt gehouden befiets ik NW-Groningen. Zie de eerste 75 kms geen e n k e l e fietser. Ik fiets in de cadans van ‘Hoe sterk is de eenzame fietser’ van Boudewijn de Groot. Voel me als die ene VVD’er die denkt dat Hofstadgroepslid Soumaya Sahla nog een kans verdient. Of die enkele CDA’er die begrijpt waarom christelijk onderwijs fnuikend is voor onderwijskwaliteit en waardenvrij onderwijs.

Harde wind. Ik doe Grijpskerk, Zoutkamp, Pieterburen, Winsum, kleine 80 kms. Rijd een dikke veertig voor de wind vanaf De Kolken voor Hornhuizen naar Pieterburen. Fietsgenot wint van slagregens. Natte hagel. Winterse kou. Mijn door- en doornatte versteende handen haken aan het ligstuur als de vingers van brave huisvader Marc Overmars aan  vrouwen intimiderende whatasappberichten. De sneue digitale potloodventer & Ajax-haan heeft het figuur van Mao Zedong. Hij staat tussen Zedong en Zhang Gaoli.

Dat voormalig vice-premier Zhang Gaoli tennisster Peng Shuai  bepoteld of aangerand zou hebben verbaast me niet. Chinese partijbazen zijn als betaaldvoetbalmannetjes. Liet good-old Mao Zedong zich er niet al op voorstaan dat hij zijn druiper kon genezen door steeds een nieuwe Chinese maagd ongevraagd te penetreren? Zijn quote ‘Ik was me in vrouwen,’ zou een aan het Rode Boekje gehecht addendum kunnen heten.

Irene Wust wint goud in China, terwijl slachtoffer Sjinkie Knegt, de arme man die niet wist dat thinner brandbaar is, klaagt over schwalbes van tegenstanders. De China-show beheerst de kritiekloze vooringenomen t.v. met ongegeneerde propaganda. China huurt Nederlandse ijsmeesters in. Daarmee koopt Nederland medailles. Sportkansenschendingen. Mensenrechtenschendingenkampioen China ruil ik graag in voor nieuws over T-cellen van een tachtigjarige fietser die zouden lijken op die van twintigjarigen. Verbaast me niks. Ik voel het elke dag aan mijn stalen bovenbenen.

Kom versteend terug. Ben weer een zesjarig kind dat na schooltijd te lang is doorgegaan met sleetjerijden. Vraag vrouw I om rits van fietsjack te ontsluiten. Moet op jacht naar waterdichte handschoenen wil ik dit weer op 13 maart ’22 kunnen weerstaan. Een doordeweeks hersteltochtje langs Winde, Bunne, Peize, Eelde is een tussengerechtje in Pomphuis. Heerlijk, ter voorbereiding op het lekkerste. De monstertocht annuleren kan natuurlijk ook altijd nog.  Zegt men. Wy sille sjen.

Winterfietselfstedentocht I

Wat is mooier dan kennismaken met Frytum, Ewer en Krassum? Even afstappen bij de stalen zitbanken van Reinier van den Berg bij Aduard? Afspreken met antiquariaat Zolderman in Houwerzijl? Amsterdamseschoolinvloeden op boerderijgevels spotten en bewonderen? Niks. Of misschien een verbod op al te witte scholen of museale muurplaquettes in Stad.

Ja zeggen tegen interessante uitdagingen levert me meer op dan Nee’s. Langeafstandfietsen dus. In de laatste wintermaand is het zover: de winterversie van de fietselfstedentocht. Mijn trainingsschema schrijft wekelijks 25 kms extra voor. Begonnen met de reguliere 50 kom ik aan het eind uit op bijna 190. Moet kunnen. Ik leer dat er fietsers zijn die op de cadans fietsen. Een metertje zorgt ervoor dat ze, rain, wind or shine 90 slagen per minuut blijven doen. Een ander heeft een hartband. Ik tast mijn gevoel af. Denk aan de vroege Mollema. Van der Poel. Pogačar. Fietscomputerloze plattelanders. Winnaars.

Sinds Frenkie de Jong in Spanje El Cartero wordt genoemd of El Tejero en het publiek hem met brievenbusgeklepper of breipennengetik musicerend begeleidt, zijn Spaanse bijnamen in. Mijn ene fietsmaat heet El Obrero en de ander Tío Pedro. Rodebietensap laaft mijn bloedvaten en mindset als onroerendgoedwinsten een Groningse minister met een achternaam uit een jeugdboek van Jan Terlouw.

Oude trainingsinzichten verpulverden als behandelmethodes in de psychiatrie. Dachten langeafstandslopers voorheen dat je drie marathons in de benen moest hebben voordat je maar aan een wedstrijdje mocht beginnen te denken, nu volstaat je hart wat in de gaten houden. Tom Dumoulin, nou ja geen beginner dus, werd zonder looptraining gelijk tweede in Maastricht met een gemiddelde van 18,3 op de 10 kms.

Fietsen dus. Kop in de wind, pas gecoate ligstuur onder vingertoppenbereik en gaan. Mooi stuk langs het Reitdiep, Zuurdijk, de cadans van Tío Pedro volgend of profiterend van El Obrero’s luwte. Zelf even de kop overnemen. Bovenbenen worden verlengstukken van stalen frame. Snot en speeksel binnenhouden als de VU nieuws over China’s lange betalende arm. Zou complottheoriedocent Andringa bij de RUG mogen blijven of er net als de paspoortenprof uitvliegen? Waarom staat het zelfreinigend vermogen bij uni’s vaak in de OFF-stand en op ON na wat gepeuter en gepriegel van journaille?