We ontvangen het college van B&W nu (8 september 2026) voor de derde keer in ruim vijf jaar. Twee keer met burgemeester Schuiling en nu met Kamminga. Het zijn steeds nuttige en openhartige ontmoetingen. Wij tonen lastige situaties in het A-Kwartier en zaken waar we trots op zijn.
Graag denk ik terug aan mijn tweede vergadering met de bestuursmatties van het A-Kwartier, ergens in 2021. Ik stelde voor de burgemeester een keer uit te nodigen om kennis te komen maken met de wijk en ons. In mijn vorige woonplaats E, zo wist ik, was B, vaak samen met W, gewend aan wijkbezoekjes. Tot mijn verbazing was de zuinige reactie van onze toenmalige voorzitter: “Klaas, Groningen is E niet, hè, W&B hebben volle agenda’s en het is zeer de vraag of daar een wijkbezoek in past.
En de rest is history.
Het stadsbestuur vergadert ’s ochtends in de conferentiezaal van LUHU aan Munnekeholm. LUHU is een ontbijt- en lunchcafé gerund door doven en zeer slecht horenden. Uitbaters Engelien en Dennis hebben bedongen de werkwijze van Luhu te kunnen toelichten aan het bezoek. Daarna is er een lunch waarbij ambtenaren en wijkvertegenwoordigers aanschuiven. Tot slot wandelen we met zijn twintigen door de wijk waarbij complexe meerjarige dossiers die tijdens de lunch zijn aangestipt inzichtelijk worden. Ook tonen we graag ontwikkelingen waar we trots op zijn en weerbarstige problemen. Vier wijkbestuurders lichten de wijkonderwerpen toe.
Wat komt zoal voorbij?
- De complexe meerjarige dossiers: De ja-of-nee-verhuizing van het Harmoniecomplex en wat er mogelijk voor in de plaats komt, de Visserbrug en noodbrug, de MADA-vernieuwbouw;
- Plussen: Een uiterst actieve vereniging met 10 commissies en werkgroepen, veel verbindende activiteiten, de samenwerking met Albertus Magnus en de goede relatie met de gemeente, de aandacht voor en groei van aantallen geveltuinen (zie detailfoto van André Oosterhuis), eerste prijs Kunstopstraatprijs;
- Problemen en hete hangijzers: toename hittestress naast vergroening van het centrum, bierboten en wildplassers, verslaafde druktemakers, lawaaioverlast, parkeertekorten, graffiti.
Na afloop is nog een korte nabespreking en bedanken we elkaar voor de ontmoeting. Zijn we duidelijk en open geweest of was het toch een ‘koek-en-ei’-bijeenkomst? Tijdens de gesprekken maken we er geen geheim van dat binnen het bestuur verschillen van inzichten bestaan. Toch proberen we met één mond te spreken.


We kijken vandaag onze ogen uit. Geen idee had ik dat de hortus zo groot is: met 140.000 m² de grootste van Nederland. We doorkruisen vijftien verschillende tuinen waarvan enkele nog onderverdeeld zijn in subtuinen die de plattegrond niet hebben gehaald. Kassen, waterpartijen, beelden, bomen en een speciale Chinese tuin: Het verborgen rijk van Ming, compleet met groeiende in de wind meebuigende vishengels.
Er is een beeldencollectie van AKKA en verder is de hortus verdeeld in grote compartimenten: een Chinese, Keltische, Kruiden-, Rots-, Vlinder-, Water-, Prairie-, Hondsrug en Laarmantuin, omzoomd en doorsneden door een voedselarme plas, het Elzenbroekbos, Eilandborders, on- of juist gecultiveerde paden en meer. Dan nog een bijenstal, een Evolutiepad en een Terra-afdeling waar leerlingen het tuiniers- en hoveniersvak leren. En een opgeruimde museumwinkel en zaden- en plantenverkoophoek met billijke prijzen.
Dat we in de folder over de bijna dertig jaar oude Chinese ommuurde tuinen, met kunstig geconstrueerde watervalletjes en typische paviljoenen, een theehuis en Hof van Verwelkomende Welriekendheid, alles door handwerkslieden gebouwd en geënsceneerd niets lezen over de mensenrechtenschendingen van China tegen de Oeigoeren zij de Hortus vergeven. Het is een goed gelukt stukje retro-China waar de tijd lijkt te hebben stil gestaan en geopolitiek en nepotisme onder het kleed geveegd zijn.

Wildplassers Een nadeel van de binnenstad: bierboten die gasten, heel vaak in het dagelijks leven accountmanagers in de zorg, omtoveren in wildplassers. Vriendin stuurt me de foto met bewijs. Gemeente, havendienst en politie gaan bierbootbedrijf aanspreken. Wij dringen aan op intrekken van de vergunning.
Mihai overleden
Marktplaats biedt de rubriek ‘gratis tuinplanten’ en de afgelopen dagen fietst ik naar Peize, Vinkhuizen, Korreweg, volkstuincomplex Bruilwering, Hoogkerk en Adorp en ontmoet de aardigste mensen ter wereld, één noemt zich plantenredder, die plantjes stekken en vermeerderen en daarmee anderen gelukkig maken. De nieuwe aanwinsten, yuca, lavendel, veldzuring, vlinder, Canadese guldenroede, sedum, zet ik uit in mijn bakken bij Blockhouse.
MAANDAG Tropische temperaturen, een knie zonder kraakbeen, fijne logees, broeierige avonden, een klustuin die schreeuwt om bewatering, het laatste Zomergastendeel dat nog afgekeken moet worden, een nog in te plannen onderhoudsbeurt voor de Giant: niets staat de voorbereiding voor de wandelweek in de weg. Vandaag scoor ik de knippenkaart voor de massages van dinsdag t/m vrijdag na de inspanning en worden we bijgepraat over het pijnsensiviteits onderzoek van UMCG en HANZE-hogeschool waar T en ik trouw aan meedoen, elke dag voor en na de tocht.
DINSDAG CODE ROOD De temp stijgt tot 34° en wij wandelaars doorstaan de verzengende hitte op de steppe die hier Onlanden heet. Een schitterend
natuurgebied, aangelegd als waterberging ten zuidwesten van Stad. De zeearend, aka ‘de vliegende deur’ nestelt hier en wijkt voor de stappende Meindls, Lowas en Dolomites. De 4daagse organisatie is perfect: waterpunten, toiletten, plaskruisen, en voldoende routebordjes. Mijn makker wordt allengs stiller: gewend als hij is aan uitbundig getoeter en gezang in Nijmegen, overvalt de rust, weidsheid en de stilte hem hier. Zijn lust om te zingen smelt als waterijs in een kinderhand. We hebben het naar de zin. Visioenen van een frikandel speciaal verdampen. Na vijf uren drinken we bier en kneedt een masseur mijn kuiten.
WOENSDAG elke dag opstaan om 5, ontbijtje fixen voor vier en dan zie ik dat er vanavond in de Martinikerk een juryconcert is met Rie Hiroe, Juan María Pedrero en Jeremy Joseph, alle drie met behoorlijk wat Bach. In wisselende samenstellingen lopen we noordwaarts, o.a. langs Harssens en Wierumerschouw, nu met een verfrissend windje en een softe zon. Zonder ’t te merken slaag ik erin twee blaren te ontwikkelen. We genieten van het landschap
, hebben diepzinnige gesprekken over Barefoot shoes, suiker in de spelt/haverkoekjes, of Halbe Zijlstra ooit weer geloofwaardig wordt en de rijzende ster van Roelien Kamminga. In Stad troon ik M & M mee naar Inges geäircode kledingshop Byoni. Daarna nog registreren, meedoen aan het pijnregistratieonderzoek, masseren en bier op t terras. Morgen oostwaarts.
DONDERDAG De temperatuur is meer dan okee, blaartjes no problemo, minister Van den Brink spreekt nog veertien wetten ontduikende gemeentes aan en ik neem me voor die gemeenten te mijden als rotte mispels. We hebben een bijzonder orgelconcert (met in de pauze Rivella) achter de rug waarbij de maestro’s en één Japanse maestra (jaja, in Japan zijn ook kerkorgels) een roosje kregen i.p.v. een vergiftigde bos leliën. De 4daagse presenteert een prachtige, oostelijke wandelroute, met heel mooie paden, bijvoorbeeld het ‘
VRIJDAG De laatste 20 kms.: een rondje Paterswoldsemeer, langs Hoornse Plas en Hoornse Dijkje. Een mooie route weer, met duidelijk Drentse invloeden. Eens even kijken wie meewandelen. Jong en oud. 80 % vrouwen schat ik. Opgeruimde, vriendelijke hulpvaardige types. Niet of nauwelijks mensen van kleur. Geen hoofddoekjes, keppeltjes, tulbanden, hamers & sikkels, wel kruisjes in alle afmetingen en Nijmeegse parafernalia. Een beetje
het gemiddelde koor dat net een ledenwerfactie onder jongeren heeft gehad. Iedereen die ik spreek prefereert Groningen verre boven Nijmegen. De verschillen zijn dan ook groot. Hier geen overdreven opgewonden luidruchtige toeschouwers met bombastische piratenmuziek via schetterende ghettoblasters, hier soms wel fijne smalle met bloemen omzoomde paden en godzijdank geen uitgerangeerde tv-reporters als Jaap Jongbloed die ten koste van wandelaars graag zichzelf interviewen of KRO’er Fons de Poel die een gerenommeerde politicus snotneus noemt als hij denkt dat de mic uitstaat. Bij de finish een lief onthaal van familie en vrienden met blomme in soorten en maten, een medaille met daarop Groningens classicistisch stadhuis dat enigszins doet denken aan dat van Weesp maar dan uitgevoerd in kloeke maten en zonder beginnersfouten en bier onder ‘Olle grieze’. Deze keer laat ik de keus aan de studentmasseur die me met kuiten als van een haastig puberhert naar huis laat lopen. Mijn rug modelleert zich na een tippelweek met in totaal 90 kms wel weer na een badje.
Tot onze schrik, verbazing en verontwaardiging nemen we kennis van het voorgenomen besluit zgn. verwilderde duiven in de provincie Groningen dood te schieten.


kritische artikelen in de regionale pers (D.v.h.N. van 6 december 2025) verschijnen over het beleid van het GM. De doorgaans ingetogen maar altijd goed ingevoerde auteurs Van Ruiten en Brouwer melden dat het GM de weg kwijt en te elitair zou zijn en te weinig aandacht zou richten op de regio. In chocoladen 
De gemeente Groningen is supertrots op het (verbouwde) stadhuis en draagt dat graag uit. Op velerlei manieren worden inwoners uitgenodigd eens langs te komen. Ik maak voor de vierde keer in nog geen vijf jaar gebruik van de uitnodigingen. Na een inspraakavond over de emissievrije zone (het terugdringen van luchtvervuiling in de binnenstad), een rimpelloze door Schuiling strak geleide raadsvergadering en een Groninger avond, nu een door onze buurtvereniging georganiseerde avond over verduurzaming in het neoclassicistische stadhuis. In felle kleuren worden we welkom geheten. Onder de gasten: eigenaren van een al dan niet verwaarloosd monumentaal pandje, eigenaren van een monument-light, of een karakteristieke woning, in erfgoed geïnteresseerden en kritische gasten die willen weten of subsidies op de juiste plaats landen.
In de gangen kunst van Ploegleden, waarbij pijnlijk nauwkeurig is voorbijgegaan aan de huidige Ploeg, met extra aandacht voor de relatief onbekende autodidact Arie Zuidersma. In de kamer van B&W staat een ovale tafel die zo groot is dat hij tijdens de verbouwing niet naar elders kon worden verhuisd. Op een met gouden sterren beschilderd diepblauw plafond kan de geoefende topografiekenner de locatie van alle dorpen en steden in de provincie herkennen. Zoveel moeite als besteed is aan dit ingenieuze schilderwerk, zo weinig aandacht is er voor de Groninger taal: gain fits of foazel.
We starten in Leermens en zien een orgel met aan weerszijden luiken, bedoeld om bladgoud uit ’t zich te houden. Het orgeltje klinkt als een klok. De kerk heeft bruin, geel- en witgeverfde bogen, een blauw plafond en hoogwaardige inktjetprints van Helmantel. De Vries speelt, ogenschijnlijk uit de losse pols, een miniconcert met Händel, Krebs, Erbach en Buxtehude. Orgelmuziekconnaisseurs onder ons letten speciaal op het effect van de dulciaan 16´.
De Schnitger in Eenum is apart vanwege reliëf en dieptewerking in het front. Een minicollege over middentoonstemming, reine tertsen, enz. vergroot onze kennis. Al spelend blijft De Vries’ gezicht een lach vertonen. Wat een vrolijkheid. Hij besluit met Scheidemann en Byrd. De organisatie is slim en biedt ons een fijne lunch in een papieren zak aan. Geen tijdverlies dus aan tijdverslindende tafels in kerkelijke bijgebouwen.
Het zicht op Godlinzes Schnitger wordt wat aangetast door een zwarte dominante kachelpijp. De bijna wulpse boog- en plafondbeschilderingen, ik zie iets wat lijkt op neo- impressionistisch pointillisme, vergoeden veel. De kerkbanken en preekstoel zijn geel geschilderd. Ik fabuleer over de daaraan voorafgaande discussies die bijna tot schisma’s leidden. We beluisteren Buxtehude, Scheidemann, Böhmer, Purcel en Telemann. ‘Goed gespeeld man!
Dat het grootste en wie weet beste tot het laatst wordt bewaard bewijst Loppersum, waar we de ‘boerenkathedraal’, de grootste dorpskerk in de provincie, betreden na een passage onder majestueuze beuken die ons afschermen van de Snollebollekes verderop bij de kermis. Cantor De Vries haalt alles uit de kast en wisselt zijn miniconcert op het uit 1562 stammende en daarna zeker zes keer aangepaste en verbouwde orgel af met Gregoriaans aandoende zang. Wie weet, tot een volgende keer. De excursie werd georganiseerd door Orgeldelta (
Hoe zegt Van Dis het ook alweer in ‘Stadsliefde¹’ als hij Parijse duiven beschrijft? “Arme stadsduif, hoe kon het zo ver komen? In kerken nog altijd hoog aanbeden als symbool van de Heilige Geest, op zondagsscholen ten voorbeeld gesteld (…) en nu gehaat en vertrapt. Godin van de vruchtbaarheid, (…) in de Eerste en Tweede Wereldoorlog hebben ze duizenden soldaten gered. (…) En nu dreigt ook de burgemeester met gif en sterilisatie.”
Maar zijn duiven zo speciaal dan? Zeker. Ze ruimen rommel op, voedselresten vooral. Ze vervuilen de stad nauwelijks, hoogstens daar waar ze worden gevoerd. Duivenkak is geen witte verf die over straat wordt gesproeid zoals reigers en meeuwen doen, duivenpoep kun je zonder smerige handen te krijgen oprapen. En trouwens: (volks)tuinliefhebbers kennen de buitengewoon sterke waarde van duivenmest. Duiven zijn gezellig, nieuwsgierig en nevernooit agressief. Ze zijn symbolen van vrede en liefde. En, eerlijk is eerlijk, ze zijn, mits goed toebereid, lekker.
De cirkel is rond; de kunststudie is achter de rug en de boeken gaan niet mee naar North Dakota maar worden gedoneerd aan belangstellenden via minibieb ‘Achter Minerva’. De gekleurde tabblaadjes markeren de scriptieonderwerpen. De verplichte lessencyclus ‘The Art of Recycling in The Netherlands’ werpt zijn vruchten af.
en meer. Indrukwekkend allemaal. Veel installaties, uitgewerkte concepten, industriële vormgeving, microbiologisch onderzoek met ‘bacteria and fungi’ en weinig (fijn) schilderwerk. We zien maatschappelijk engagement, onmogelijke contrasten, oneindige creativiteit en artisticiteit, innovaties. Onze ogen gaan en mond valt open. Verbazing, vragen, bewondering. En valt er ook nog iets te lachen? Zeker. Bijvoorbeeld bij het Instituut voor het Zandkorrel Hoogtebeleid, waarvan de directeur op artistieke wijze aandacht vraagt voor de zeespiegelstijging. Die jongen (directeur van het IZH, M. van der Molen) komt er wel. Meest bijzonder: in Pictura zie ik een jonge vrouw, taxidermist, die geprepareerde dode muisjes
liefdevol vult met druppelvormige glazen roze bijouterietjes.
Het jeugdjournaal meldt dat urine wordt gebruikt voor medicijnenonderzoek. En bij grondbemesting. Ik zie gelijk kansen voor studenten MADtech als ik een bierboot zijn gasten zie lozen die een wedstrijdje wildplassen doen. Ik spreek de kap’tein even aan en vraag of ie een groot vaarbewijs heeft. De gemeente belooft extra surveillance.