Matthäus Passion in Coevorden op 10 maart 2024

PERSBERICHT:

Matthäus Passion in Coevorden

Datum: 10 maart 2024

Locatie: Stadskerk Coevorden, Kerkstraat 6 Coevorden

Aanvang: 15.00 uur

Voor € 29,50 het mooist denkbare muziekstuk in een locatie met de beste akoestiek in Drenthe?

Jazeker, dat kan. De Matthäus Passion komt weer in Coevorden.

Na de door het publiek zeer gewaardeerde uitvoering van de  Matthäus Passion in 2022, zijn we erin geslaagd om dit jaar wederom met het CMT de uitvoering van de Matthäus Passion te organiseren in de prachtige stadskerk van Coevorden en wel op 10 maart 2024.

Bachs meesterstuk wordt uitgevoerd door het CMT, Collegium Musicum Traiectum uit Utrecht. Dit ensemble, opgericht in 2015, is een projectensemble voor jongvolwassen amateurmusici die een sterke interesse hebben in het uitvoeren van vocaal-instrumentaal repertoire. Er worden zoveel mogelijk authentieke instrumenten gebruikt en bij het koor wordt extra veel aandacht besteed aan verstaanbaarheid en klankkleur binnen de stemgroep.

De solisten van het CMT zijn nu bekend:

  • Sopraan: Janneke Stoute;
  • Alt: Wies de Greef;
  • Tenor: Bart van Lieshout;
  • Bas: Robert-Jan Agricola;
  • Evangelist: Andre Lopes;
  • Christus: Matthijs Mesdag.

Samen met koor en orkest staan zij garant voor een wervelend optreden dat het publiek een schitterende middag zal weten te bezorgen. Dankzij inspanningen van SCDZ, Stichting Culturele Dorpen Zuidenveld, wordt Bachs Masterpiece voor een interessante entreeprijs aangeboden.

Kaarten à € 29,50  kunnen worden besteld door te mailen naar: zuidenveldcultureel@gmail.com; een pauzeconsumptie en programmaboekje zijn gratis

 

Hister, Fred Goverde en Traumahelikopter

Met als werktitel ‘Hister komt Goud’, wonen we een bijzondere muziekavond in het Aa-Theater bij op 3 februari 2024. Het programma biedt minder Gronings dat de titel doet vermoeden. Hister (betekenis: zenuwachtig, opgewonden) zingt in het Gronings, Fred Goverde gewoon in het Nederlands en Traumahelikopter (waarschijnlijk) in het Nederlands en Engels.

Heel slim, de avond begint met een podiumgesprek: Michel Weber en Merel Weijer van Hister bevragen (componist, zanger) Arnold Veeman en (gitarist, zanger) Fred Goverde en er ontstaat een gesprek dat de achtergronden van de muziekmakers toelicht. Zouden meer concerten mee moeten beginnen. Het gesprek waaiert alle kanten op, van Vivaldi’s oprotmuziek tot Michels verzoek aan Arnold en Fred een nummer voor Hister te componeren.

Hister opent de avond, bijgestaan door gitarist John Krol. Hister is een, eeh, a-typische tweepersoonsband met punkinvloeden, en speelt vanavond drie nummers, waaronder het door Arnold geschreven nummer ‘Roemte’ dat zich als een landschapsschilderij ontvouwt. Poëtisch, ijzig en indringend tegelijk. De teksten sneeuwen wat onder. Het verschil tussen drummer Michel, uitgelaten, expressionistisch, en de ingetogen, gecontroleerde Merel kan niet groter zijn. Krols bijdrage wordt door het publiek geapprecieerd.

Dan de gevoelige, duidelijk te volgen teksten van gitarist/zanger Fred. Zijn gedachtewereld opent vergezichten. We horen tekstflarden als ‘ik wil niet dat de Beatles in de hel zijn’, en ‘ik wil genieten van de bloei van mijn leven, maar ik heb er geen tijd voor’. De zaal gaat uit zijn dak als ze een schitterend refrein mogen meezingen. Om het feministisch angehauchte  publiek niet tegen de haren in te strijken licht hij de tekst ‘luister huismus, straatkat, kutwijf, luister; je mag best weten dat ik nooit aan je denk’ wat toe. Conclusie: onderschat nooit jongemannenleed.

Tenslotte (what’s in a name) Traumahelikopter: een drummer (met ‘Jesus Lizard’ op zijn shirt) en twee gitaristen met punky music op zijn best. En hardst. De vloer gaat deinen en het publiek laat het drankje en de tortillachips even staan en schuifelt naar voren en laat zich temmen door de indringende muziek van de band die al een hele geschiedenis in de landelijke scene heeft. De drummer doet zijn werk staand en spreidt zijn benen om tot de gevoelige snaartrom te geraken, de spijkerbroekstof tot het optimum gespannen. Heerlijk wat een avond.

Yongcheon Shin 환영 (in Dutch & English)

Als Zuid-Koreaanse hoboïst (met als tweede jeugdkeus sax en trompet)  kom je als gast terecht bij ons in Groningen. Na je vermoeiende repetities praten we wat bij en evalueren de dag. We serveren vier keer een ontbijt en constateren dat je goed eet: muesli, koffie, een gekookt ei en zoals wij ons verbazen over je brood met komijnekaas en vruchtenjam vind jij mijn combi yoghurt/muesli/jus d’orange gewaagd.

We voeren urenlange ontbijtgesprekken, steeds geanimeerder, over koude winters, warme zomers en windturbines in Korea, ambities, het Luthers Bach Ensemble met maestro Ton Koopman, over het bijna 30-voudige salarisverschil tussen onze koning en jullie president, prinsessenproblemen, je kleine kinderen die je missen, onze jarige zoon, dat je in Capelle en op meer plaatsen in Nederland hebt gewoond en dat jullie gezin in de coronaperiode weer terugverhuisde naar je moederland. Je voorliefde voor kibbelingen, de controverse Zuid- en Noord-Korea, Kim Jung Un, de miljoenenstad Seoul en dat je in Korea, mits je het toelatingsexamen haalt, in plaats van dienstplicht, voor 25 maanden musicus (in jouw geval dirigent van het politieorkest) kan worden, en de milde autokosten . En dat Groningers zo gastvrij zijn. Ja, klopt. Een glimlach van oor tot oor als ik je ’s morgens, wanneer je je hoofd om de deur steekt, 좋은 아침이에요laat horen met mijn foon.

We delen de liefde voor de prachtige muziek van Bach. Wat mooi dat je zo graag met maestro Koopman speelt. Met zijn drieën beluisteren we ‘Auf schmetternde Töne der muntern Trompeten’ ik krijg kippenvel. Je houdt van hiking in de Zuid-Koreaanse bergen en – nog een gedeelde interesse – je hebt wel eens gefietst van Maastricht via de Ardennen naar Frankrijk. Grote ogen als ik van mijn Grootkooruitspattingen vertel. Voor morgenvroeg studeer ik 맛있게 드세요 in.

Na EuroSonicNoorderSlag in Groningen klinken hobomuziekcomponisten Albinoni, Telemann, Vivaldi en Pasculli als muziek. Dan nog je favorieten Platti en Vivaldi. Dat je als hoboïst wel eens vier minuten aaneen je lippen moet klemmen aan het dubbelriet van je Spaanse Pau Orriols: topsport, bro. Maar hoe je hobby fotografie te combineren met de muziek? We zien je mooie zwart-witte pics in Groningen en filosoferen over de dealer van je BMW-3 als mogelijke sponsor voor je nog te bouwen website.

Yongcheon Shin 환영

As a South Korean oboist (whose second childhood choice is sax and trumpet), you come to us as a guest in Groningen. After your exhausting rehearsals we’ll catch up and evaluate the day. We serve four breakfasts and find that you eat well: granola, coffee, a boiled egg, and as we marvel at your bread with cumin cheese and fruit jam, you find my yogurt/muesli/jus d’orange mixture daring.

We have hour-long breakfast conversations, increasingly animated, about cold winters, hot summers and wind turbines in Korea, ambitions, the Lutheran Bach Ensemble with maestro Ton Koopman, about the almost 30-fold salary difference between our king and your president, princess problems, your little children missing you, our birthday son, that you lived in Capelle and more places in the Netherlands and that your family moved back to your motherland during the corona period. Your fondness for kibbelingen, the controversy South and North Korea, Kim Jung Un, the metropolis Seoul and that in Korea, provided you pass the entrance exam, instead of serving in the army, you can become a musician (in your case conductor of the police orchestra) for 25 months, and the mild car expenses . And that Groningers are so hospitable. Yes, true. A smile from ear to ear when I let you hear 좋은 아침이에요 in the morning, when you poke your head around the door.

We share a love for the beautiful music of Bach. How nice you love playing with maestro Koopman. The three of us listen to “Auf schmetternde Töne der muntern Trompeten” and I get goosebumps. You like hiking in the South Korean mountains and – another shared interest – you have cycled from Maastricht via the Ardennes to France. Big eyes when I tell of my Grand Choir exploits. For tomorrow morning I am rehearsing 맛있게 드세요.

After EuroSonicNoorderSlag in Groningen, oboe music composers Albinoni, Telemann, Vivaldi and Pasculli sound like music. Then your favorites Platti and Vivaldi. That as an oboist you sometimes have to clamp your lips to the double reeds of your Spanish Pau Orriols for four minutes in a row: top sport, bro. But how to combine your hobby of photography with the music? We see your beautiful black and white pics in Groningen and philosophize about your BMW-3’s dealer as a possible sponsor for your yet-to-be-built website.

Lucie Horsch en Thomas Oliemans in Vredenburg

Is cultuur wat vroeger religie was, vraag ik me op zondagmorgen in de trein naar Tivoli Utrecht af. We bezoeken familie en een concert van Horsch en Oliemans met muziek van Fauré, Debussy, Brahms, Schubert en Ravel. Huiskamergelukmuziek op zijn best. Van Ravel luisteren we naar ‘Histoires Naturelles’ met absurdistische liederen over de pauw, krekel, zwaan, ijsvogel en parelhoen. En dat in mijn Maarten ’t Hart-jaar. De Herzzaal is met ruim 500 bezoekers bijna uitverkocht. Wij zitten op het schellinkje, maar rij S biedt nog uitstekend zicht en prima geluid. Naar beneden kijkend zie ik een eredienst. Devotie. Ingetogen blijmoedigheid. Met Horsch en Oliemans als aanbeden musici.

De programmaboekjes, als reisgidsen in de handen, zijn van zwaar glanzend papier zodat knisperen tot een minimum wordt beperkt. Er wordt aandachtig meegelezen als Horsch en Oliemans de poëtische dierteksten zingen. Of zingzeggen, want een melodie ontbreekt eigenlijk bij deze prozagedichten. Wel bijna perfecte pianomuziek. Quatre-mains en trois-mains, waarbij de zwevende werkloze vierde hand me intrigeert. Oliemans, bijna twee keer zo oud als Horsch, heeft ’t bovenste knoopje los. Geen stropdas, toe maar. Zwart pak. Horsch draagt een keurige lange donkeroranje rok, die ze ook in Groningen droeg. Wat een twee-eenheid, wat een dynamiek. Een vleugel vergeleken met een orgel is als een Opel Astra naast een full options BMW-6-serie, maar toch bekoort de muziek ons. Leraren Frans in de zaal delen tienen uit voor een perfecte dictie en uitspraak. Ik hoopte bij Brahms op enkele Liebeslieder, had ik lekker mee kunnen neuriën, maar het vocale duet ‘Es rauschet das Wasser’, over wolken, water, sterren en ware liefde is heel mooi.

Bij de halve glaasjes water (de wijn is op) na afloop in de foyer denken we na over het verschil met die heel andere muziekbubbel EuroSonicNoorderSlag in Groningen, waar een leeftijdsgenoot van Lucie Horsch, Joost Klein, aanstaand Nederlands Songfestivaldeelnemer, de popprijs krijgt. Muzikale bubbels die wat locatie en bezoekers mijlenver van elkaar af staan, maar die elk de kracht hebben mensen te bekoren, te beroeren. Het idee dringt zich op wat er gaat gebeuren als Lucie, mezzospraan, pianiste en blokfluitwondervrouw eens een gooi zou gaan doen op dat heel andere podium op weg naar talloze douze points…

Kerstconcert Grootkoor Groningen

20 december 2023. Het schip van de Martinikerk kan 1.200 bezoekers aan. Zoveel zullen er misschien niet zijn geweest bij het kerstconcert van Grootkoor Groningen, laten we het op 750 houden. 750 mensen in het publiek en 170 zangers, verschillend en toch gelijk. Wie weet wat achter die groenige sjaaltjes en stropdassen schuilt, het is de liefde voor zingen die de groep bindt. En kijk, met Johan, Erna, Rogier en Bram ontstaat iets wat je een beginnend vriendengroepje kan noemen.

Vijf keer repeteren en drie concerten in Amsterdam, Assen en Groningen met bevlogen koordirecties,  gedreven zangers, toppianisten, Martin Mans die Schnitger ervan langs geeft, een jonge solist met een gouden stem en bezwerende armgebaren als een Achtstedagadventistenpredikant en een heuse deus ex machina: een als tinnitus zoemende drone die als een loerende engel later voor indringende reclamebeelden gaat zorgen. Prachtig allemaal. En dan mijn zeven familieleden die mijn kuif in de picture houden en mijn lonkende knipogen naar moeder Theresa op de bok moeten missen: een heerlijke avond.

Van alle kanten vallen de stemmen in en elkaar bij: wij tenoren, veertien pax, willen ons laten horen en zingen vanuit de tenen. Ik voel me vrij, vooral bij de toch wat lastige inzet van ‘O du Fröhliche’, waarbij we de vrouwen voor moeten laten gaan. Dan toch spatzuiver en lekker hard durven inzetten op ‘Freue dich’ gaat me steeds beter af, geweldig. Op het lekkere af zelfs. En wat is er tegen op een start met het eerste couplet van het Grunneger Volkslaid? Niks! Het kan door jarenlange veronachtzaming niet tippen aan het Friese, maar het begin van ‘Ain pronkjewail in golden raand’ is er.

Okee, en dan de minpuntjes, waren die er soms niet? Natuurlijk. Steeds vraag ik me af of geluidsversterking nodig is. Vorige week hoorden we in Dalen 15 jongevrouwenstemmen die microfoonloos een volle kerk temden, dus wat mij betreft: weg met geluidversterking. De apoëtische teksten waarvan de houdbaarheidsdatum al lang verstreken is en die na eeuwen meer een soort mantra-achtige bezweringsformules worden. Waarom niet eens een nieuw stuk van een hedendaagse dichter getoonzet dat een combi maakt van kerst, Gaza, FC Groningen, spreidingswet, stikstoffraudeurs, blond bier en zoete poffers? Een iets kleurrijker outfit: i.p.v. de permafrostaandoende groengouden kleurtjes op de zwart-witte basisuniformen eens sexy, felle kleuraccenten? Een flashmobachtig begin: zingend uit alle hoeken en gaten aankomen en stommelend en struikelend, met fel flikkerende discolampen, beschaafde laserpennen of glowinthedarklichtstaafjes belicht het podium betreden. O ja en koordirigenten: houd als Pieter, Dilan en Frans ook de flanken in de gaten, richt je niet enkel naar de brede weg voor je.

Terug naar de bühne: ik sta voor het eerst naast Jelle uit Franeker en Hanny uit Zuidlaren. We tikken elkaar even aan bij een extra fijne uithaal of splitsecondmissertje. Farizeërs in het publiek maken kennis met de kunsten van Schnitger, Nederlands beste orgel. Bij thuiskomst horen we wel weer of Bouterse wel of niet een seriemoordenaar is, maar voor nu: laat die kerst maar komme!

Kerstconcert van Hem en Nova in Dalen

16 december 2023. Soms gebeuren er in Drentse dorpen mooie dingen: men denkt na over broodnodige landbouwhervormingen, vangt zonder dwang van de bijna getorpedeerde spreidingswet vluchtelingen uit Oekraïne op, gewoon omdat het moet, het dorp Dalen staat vol met gezellig oplichtende kerstbomen en in no time slagen twee heel verschillende koren erin een match te maken die de ademloos luisterende bezoekers versteld doet staan. Het tweede door SCDZ georganiseerde kerstconcert is er één om lang over na te denken en te praten. Twee ploegjes van bijna dertig mannen en vijftien vrouwen, aangevoerd door twee topdirigenten en begeleid door musici van de bovenste plank, maken heerlijke muziek. Vrouwenkoor NOVA uit Groningen en mannenkoor HEM uit Oosterhesselen flikken het.

Net voor de pauze wordt Coevordens burgemeester Renze Bergsma in het zonnetje gezet. Coevorden, de gemeente die gastvrij Oekraïense vluchtelingen huisvest, maakt dit concert mede mogelijk. De voor bijna 100 procent gevulde dorpskerk in Dalen met zijn fijnproeversakoestiek leent zich meer dan prima voor dit concert. Hem zingt in het Engels, Nederlands en Drents; Nova voegt daar Frans, Slovaaks en Russisch aan toe; meertalig, meerstemmig en meerkleurig als Van Goghs palet.

Er is veel werk gemaakt van de arrangementen, zo luisteren we naar een speciaal voor de lagere mannenstemmen gearrangeerd ‘For unto us’ van Händel, het prachtige ‘Ten oosten van de Iessel’ van streekgenoot Daniël Lohues en het humoristische en maar al te toepasselijke ‘Waar vind je tegenwoordig nog een goede timmerman’ (die wat zijn ogen zien met de handen maken kan) van Eli Asser. En zonder te schmieren worden de rode zakdoeken erbij gehaald in ‘Lonely this Christmas’ van Mud: niet elke kerst kent immers het plezier van de Jumbo- of Lidl-kerstmaaltijden. En in ‘Christmas all over again’ klinken zelfs rocky invloeden.

De Nova-vrouwen worden excellent, in het tweede blokje zelfs jazzy, begeleid door pianist Cas Straatman maar worden het puurst als er loep- en spatzuiver à capella wordt gezongen, vier- of vijfstemmig, ik ben even de tel kwijt. Harmonieus tot op het bot en met een dynamiek van goud. Kijk ze daar staan: zelfverzekerd en à la minute reagerend op de soepel en klein bewegende touwtjes van dirigent/maestra Mirna Westra. Je kunt een speld horen vallen. De vrouwen zingen alles uit het hoofd en uit het hart en ontroeren het publiek.

En als apotheose een door beide koren samen gezongen prachtig bewerkt ‘Silent night’ en samen met het publiek ‘Happy Xmas’ van -wie kent ze niet- John Lennon en Yoko Ono. Dalen bedankt!

Amstelring Kerstconcert Concertgebouw Amsterdam

Met zijn vijven treinen we naar Amsterdam, waar het Grootkoor met zo’n 350 zangers een benefietconcert geeft in het Concertgebouw. Voor ons een soort generale repetitie voor het kerstconcert in Groningen. Generale in het Concertgebouw! Ik glimlach. Voel een lichte opwinding. Mijn omgeving, voor zover het oog reikt net als ik opgegroeid in wat grenst aan brisante cultuurarmoede, vindt het cool of koel. En dan een benefietconcert ook nog. Provincie trakteert hoofdstad. Friese Boys, ’t Fean, The Knickerbockers, Pekel FC en WKE spelen met, andere provincieselecties in een uitverkochte Arena voor mantelzorgers, gehandicapten, zieken, vrijwilligers, daklozen en sponsoren.

Gouden componistennamen kijken voornaam de zaal in als nieuwe Kamerleden naar de bezoekerstribune. De helft van de zaalvloer is ontruimd voor rollators en rolstoelen. Het publiek bestaat uit vrijwilligers, mantelzorgers en mensen met een beperking van welke aard dan ook. Het ontroert me. Ik vestig mijn blik op een oude meneer met een bleke AJAX-sjaal die lekker meezingt en -dirigeert. Verderop twee gehoofddoekte prinsessen die ongelovig om zich heen kijken en zich blind staren op de teksten. Vetcool. Kapotmooi.

Dirigent Nan wandelt langs de rijen en houdt de microfoon voor meezingend publiek dat ‘Bas Nijhuis weet de eindstand al,’ en ‘Het is stil aan de overkant,’ graag inruilt voor ‘De herdertjes lagen bij nachte’. Dirigent Etty houdt ons bij de les als burgemeester Femke raadsleden. Of opzwepen wel het juiste woord is, vraag ik me al fantaserend af. Aansturen, leiden, stimuleren. We doen graag wat haar mond, ogen en handen dicteren. Solist Florian floreert bij zijn maiden performance; organist Martin Mans en pianist Rob van Dijk doen hun best.

Tussendoor pieker ik me suf over de vraag of de koorleden egoïsten of altruïsten zijn. De eenvoudige, traditionele kerstteksten gaan langs me heen als moderne kunst langs breiwerkliefhebbers of haakwerk langs kunstminnaars. Als winkelmatten afgesleten clichés als The everlasting father, prince of peace, mighty God, das Christus Kind, ze kunnen me wat. Het gaat om het bindende maakwerk. Muziek van Händel, Schubert, Saint Saëns. Het zingen doet iets met me. Het magistrale orgelgeluid dat de stemmen bij elkaar houdt als, ja sorry, elastiek om spaghettistelen die in warm water ontdooien en samengevoegd met een saus van solistische toevoegingen lekker worden. Dat is het woord: Lekker.

Tammo zingt Staal

Groningen, stadsschouwburg 2 dec 2023. Heten alle Friezen voor Groningers Jelle, omgekeerd is het Tammo, de artiestennaam van Johannes Peetsma. In enigszins waterig (kijken i.p.v. kieken, Friezen i.p.v. Vraizen, Delfzijl i.p.v. Delfsiel) Gronings neemt Tammo ons in een strak, ijzeren format mee langs het oeuvre van Ede Staal. Liedje – sketchje – liedje – sketchje. Eerst denk ik dat hij met zijn Groningse variant import-Groningers wil plezieren, maar God Ter Laan leert me dat het een Gronings dialect is uit de noordoostelijke hoek.

Tammo heeft een heel goede stem. Die, samen met de muziek, hij wordt begeleid door drie puike mannen, een pianist, accordeonist en gitarist, en Edes teksten houden hem op de been. Ede Staals wat monotone, eenvoudige en toch krachtige muziek krijgt een prachtig uitgevoerde en nog steeds sobere update die ervoor zorgt dat het 750 pax publiek weer voor jaren een fris geüploade harde schijf mee naar huis neemt. De cabareteske intervallen reiken zelden boven het cliché, zij het heel af en toe een best leuke.

Licht en geluid, Stadsschouwburg, hè, kunnen niet beter. Het podium is aangekleed met een rode Ford Escort, er daalt een drankfles neer uit de lucht, en er wordt een film vertoond van de Delfzijlse haven. De bomvolle zaal is enthousiast en doet graag mee, ook als er op zijn jarenzestigs ingehaakt moet worden. Publiek wordt duidelijk bij de voorstelling betrokken. Tammo deelt een fles drank met één – bepaald niet coronaproof – glaasje uit, laveert langs het publiek schurend met een verrekijker door de rijen, een nieuwe Anita reikt hem een visitekaartje aan, Friezen worden in de spotlights gezet en een automonteur mag naar de Escort kijken. Leukste vondst: als Tammo gaat facetimen met zijn, hoe kan het anders door de Friese Bjinse gekaapte Anita, zien we hemzelf, compleet met baard en pet, in beeld Anita imiterend met langgerekte klinkers en uithalen sprekend. Lachen!

In plastic geschonken pauzedrankjes zijn loeiduur en worden in slow motion met bankkaart afgerekend en de garderobe na afloop is cabaret, compleet met zoekgeraakte jasnummers en schitterend uitgedoste kwade Anita’s die zelf achter de balie hun jas, een FC Groningens hardekernuitdossing (‘een halflange zwarte’) gaan meehelpen zoeken en Tammo die in de foyer stickers uitdeelt.

Maar wat een prestatie: begonnen als Tiktokker staat Tammo nu, met de pas gewonnen Haide Bliksem Award in de buutse in een uitverkocht huis met, zijpaadje, het mooiste plafond denkbaar. Maar of hij de gedroomde opvolger van Rooie Rinus en Pé Daalemmer wordt?

 

Lucie Horsch en Anne-Gäelle Chanon – Akerk Groningen

19 oktober 2023. Het negende Schnitgerfestival opent met Horsch op blokfluit en Chanon op orgel. Plaats van handeling: de Akerk in Groningen, stijf uitverkocht. Dankzij de mooie foto-expositie aan de muren, we hebben zicht op prachtig gestileerde Afrikaanse pics, krijgt de avond een inclusief cachet. Enkele onbezette sponsorenstoelen worden opgevuld met mensen die achter de pilaren zitten. Attent, fijn.

Twee jonge vrouwen spelen de sterren van de hemel, elk op haar eigen aerofone instrument. De een op een antieke, tegelijk lomp en sierlijk ogende, complexe Schnitger, die zoals later zal blijken aan een grote onderhoudsbeurt toe is, maar toch de Rolls Royce onder de orgels blijft, de ander op een daarbij vergeleken uiterst eenvoudig instrument, een blokfluit, een soort orgelpijp met gaatjes, voor de kenners: een Renaissance Ganassi sopraan van Stephan Blezinger en twee barokinstrumenten van  Seiji Hirao.

 Beide vrouwen zijn grote talenten. Virtuoze musici. Horsch, die alles uit het hoofd – en zo te horen uit het hart – speelt, is driedubbel getalenteerd; naast blokluitist, pianist, mezzosopraan. Het zou me niet verbazen als in haar ook een begenadigd dirigent schuil gaat. Er wordt samengewerkt met het Luthers Bach Ensemble (dat hopelijk nadenkt over haar naamgever).

Horsch excelleert met werk van Castello, Sweelinck, Telemann en Bach. Chanon kiest voor Lübeck, Böhm, Buxtehude en Händel. Allen Hanzestadbewoners, dit jaar het centrale thema van het Schnitger Festival. Denk je bij deze componistennamen soms aan complexe muziek die het zonder nadere toelichting niet gaat redden, de vrouwen laten het tegendeel horen: een en al tintelende, sprankelende, lichtvoetig- en vrolijkheid. Muziek zoals je hoopt dat muziek altijd klinkt. In het eerste stuk van Horsch lijkt de balans tussen strijkers en blokfluit wat in haar nadeel,  maar dat wordt allengs beter. Lucie licht het programma toe en onthult een première: Pavane Lachrymae van Sweelinck is van origine een orgelwerk dat zij heeft bewerkt voor fluit en strijkers. Het is op zich een droevig stuk, maar zij weet het zo te laten klinken dat je er blij van wordt.

Vanwege een noodzakelijke reparatie aan de ouwe Schnitger wordt de pauze wat vervroegd. Met acht pax achter de bar lukt dat nog ook. Dan volgen de mooiste stukken: van  Buxtehude en zijn student Bach, Händel en Telemann. En, o verrassing, een toegift met organiste Chanon en Horsch als vocaliste, ook een primeur? Het publiek (en Schnitger) raakt in vervoering.

Luthers Bach Ensemble – Opera Dido & Aeneas – Henry Purcell

Kijk, dat doet de Lutherse kerk goed: terwijl verderop kerken leeg lopen als racefietsbanden nabij een glasbak, staan hier de gasten zondagmiddag op de stoep in de rij. Een uitverkocht huis. Vandaag geen orgelmuziek maar een lekker spelend ensemble, zangklaszang van het conservatorium en een opera.

Voorafgaand aan de opera Dido & Aeneas van Purcell zingen conservatoriumstudenten Wilko Koekoek, Karel Stegeman, Rasa Vitoliņa, Freya Turton, Twan van der Wolde, Jaap de Kok stukken van Händel en Purcell als gearriveerde solisten. De teksten van Händel kan je gerust openhartig en vrijmoedig noemen: we horen van ‘een gewetenloze schurk’, ‘vuig bloed’, of ‘‘k leef of ‘k sterf ’t maakt geen verschil’. En dan nog onverwacht actueel ‘Why does the God of Israel sleep’. Alsof we in een praatprogramma over Israel tegenover Hamas zijn beland. De jonge zangers zijn zeer getalenteerd. Ze zingen alsof ze nooit anders doen. De beide vrouwen zorgen voor kleur: felgroen en felfuchsia; daar kunnen de jongens, in stemmige bankmedewerkeroutfits nog een puntje aan zuigen.

De spreekstalmeesteres beschrijft de fijne samenwerking tussen het Luthers Bach Ensemble met Tymen Jan Bronda, de zangklas van het Prins Claus conservatorium, en ingehuurde musici, zoals blokfluitist Robert de Bree en theorbespeler Giulio Quirici. En, voor de decors en kleding met twee ontwerpers van Minerva, Milo Kok en Mikaela Martinez Parente. We zien in de opera mooie vondsten: een met een hengel in een laken opgestoken ingenieuze boot, en een met grote dozen verbeelde stad.

Robert de Bree, foto: Daria Vinogradova

Na de pauze luistert en kijkt de uitverkochte Lutherse kerk ademloos naar de zang, muziek en toneelspel. Je kan een speld horen vallen. De zangklas zou net zo goed een toneelklas kunnen heten, ze spelen geweldig. Enthousiast, vol vuur en gewoon goed. En ach, de inhoud van de opera is natuurlijk zo gedateerd als het maar kan, het centrale thema, liefde, schuld, geluk en ongeluk, is van alle tijden, maar als je voor een toekomstbestendig Carthago Gaza leest….

De speelruimte wordt uitstekend gebruikt. Soms waaieren de spelers door de hele kerkruimte heen en komen als flashmobspelers in een winkelcentrum van alle kanten naar het centrale podium onder de kansel. Ook de preekstoel, in vroeger tijden door dominees gebruikt, wordt ingezet als de tovenaar/geest, gespeeld door countertenor Wilko Koekoek, zijn ei kwijt wil. De voorste rij wordt bijna bij het spel betrokken, zo dicht wordt op

‘heksen’ Mieke en Hannah

het publiek gespeeld. De hoofdrolspelers Clarisse Planchais als Dido en Michiel Nonhebel als Aeneas schitteren, evenals Johanna Bart als Belinda. Ook zijn we onder de indruk van de twee heksen Mieke  Pressley en Hannah Tomasini die zich met lef en verve in hun rollen hebben ingeleefd, én goddank met humor; af en toe dendert een gulle lach door de zaal.

Heerlijk, wat een schitterende productie. Het publiek bleef tot de uitgang applaudisseren.