Hister, Fred Goverde en Traumahelikopter

Met als werktitel ‘Hister komt Goud’, wonen we een bijzondere muziekavond in het Aa-Theater bij op 3 februari 2024. Het programma biedt minder Gronings dat de titel doet vermoeden. Hister (betekenis: zenuwachtig, opgewonden) zingt in het Gronings, Fred Goverde gewoon in het Nederlands en Traumahelikopter (waarschijnlijk) in het Nederlands en Engels.

Heel slim, de avond begint met een podiumgesprek: Michel Weber en Merel Weijer van Hister bevragen (componist, zanger) Arnold Veeman en (gitarist, zanger) Fred Goverde en er ontstaat een gesprek dat de achtergronden van de muziekmakers toelicht. Zouden meer concerten mee moeten beginnen. Het gesprek waaiert alle kanten op, van Vivaldi’s oprotmuziek tot Michels verzoek aan Arnold en Fred een nummer voor Hister te componeren.

Hister opent de avond, bijgestaan door gitarist John Krol. Hister is een, eeh, a-typische tweepersoonsband met punkinvloeden, en speelt vanavond drie nummers, waaronder het door Arnold geschreven nummer ‘Roemte’ dat zich als een landschapsschilderij ontvouwt. Poëtisch, ijzig en indringend tegelijk. De teksten sneeuwen wat onder. Het verschil tussen drummer Michel, uitgelaten, expressionistisch, en de ingetogen, gecontroleerde Merel kan niet groter zijn. Krols bijdrage wordt door het publiek geapprecieerd.

Dan de gevoelige, duidelijk te volgen teksten van gitarist/zanger Fred. Zijn gedachtewereld opent vergezichten. We horen tekstflarden als ‘ik wil niet dat de Beatles in de hel zijn’, en ‘ik wil genieten van de bloei van mijn leven, maar ik heb er geen tijd voor’. De zaal gaat uit zijn dak als ze een schitterend refrein mogen meezingen. Om het feministisch angehauchte  publiek niet tegen de haren in te strijken licht hij de tekst ‘luister huismus, straatkat, kutwijf, luister; je mag best weten dat ik nooit aan je denk’ wat toe. Conclusie: onderschat nooit jongemannenleed.

Tenslotte (what’s in a name) Traumahelikopter: een drummer (met ‘Jesus Lizard’ op zijn shirt) en twee gitaristen met punky music op zijn best. En hardst. De vloer gaat deinen en het publiek laat het drankje en de tortillachips even staan en schuifelt naar voren en laat zich temmen door de indringende muziek van de band die al een hele geschiedenis in de landelijke scene heeft. De drummer doet zijn werk staand en spreidt zijn benen om tot de gevoelige snaartrom te geraken, de spijkerbroekstof tot het optimum gespannen. Heerlijk wat een avond.