JOURNAAL week 36 (’25)

MAANDAG Minivervolg in de serie SkinVision dat ik in week 29 hoopvol afsloot met de toevoeging SLOT na dl IX. De kniehuidexcisie herstelt perfecto. De lymfklierverwijdering ook, maar de zwelling neemt niet af en voelt meer als een platgeslagen prop verhard stopverf dan als vocht. Vriendin M, lymfklierkankerervaringsdeskundige wijst me erop dat medici soms meer focussen op 94% kans geen uitzaaiingen dan 6 % kwaadaardige cellen. Op dat soort woekerende survivors die in mijn lijf graag zouden losgaan in een tumortje zit ik niet te wachten. Mijn huisarts, fietser, orgelmuziek- en literatuurliefhebber die ook keek naar Koch in Zomergasten, betast het bobbeltje en stelt een echo voor: wel of geen vocht. Vanmiddag al. Oei, denk ik, stond er een rood uitroepteken achter mijn naam? Dinsdag hoor ik: loos alarm, gewoon seroom. Postoperatief vocht. Twee daagjes en weg onrust.

DINSDAG Onze familie-app die tot voor kort slapende was als een koel matig bergstroompje in Noord-Finland dat in het dal opgedroogd is, spuit nu dagelijks een hoeveelheid berichten uit als een ejaculerende, met vloeibaar viagra afgetapte, Siciliaanse hoerenloper in topvorm met een kortingskaart voor de wallen. Er zijn praters en zwijgers en alles er tussenin. Ik leer veel over een delier en mijn bewondering voor zorgmedewerkers stijgt met de dag.

WOENSDAG Vriendin C houdt me op het rechte pad van het Gronings. We praten een ochtend in mijn achtste (na Fries, Ned, Eng, Dts, Frns staat het op plaats zes, net voor het steeds verder wegzakkende Italiaans en het bijna verzopen Spaans) taal en ze neemt een boekje voor me mee: ‘Ain van Boeskool’ van Jan de Jong. Verrek, op de hoek van de tafel ligt in een slordige stapel ook ‘n Swien’ van dezelfde schrijver. C, bedankt, denk ik, door jou ga ik weer Gronings lezen. We trakteren elkaar op een wandeling door de stad. Van Van der Velde waar ik leer dat het Nicolien Mizee is die een roman schreef met louter faxen, naar de A-Kerk waar de leukste baliemedewerker ooit een expositie van oud-Minerva-studenten – ik val voor een prachtwerk van Danne Bouman – & een expo van de mooist uitgegeven boeken bewaakt.

DONDERDAG De gemeente Groningen nodigt inwoners uit deel te nemen aan ‘Groninger Gesprekken’. Er zijn er vier op wisselende locaties. Ik bezoek het Floreshuis. Onderwerp: ‘Ruimte maken voor samenleven’. Kan ik mijn ei wel kwijt, denk ik. Bijna volle bak. Een enthou, positieve, kritische, trotse vibe. Zaal is voor de helft gevuld met (gemeentelijke) officials die ook alles Ivan Nio willen horen, stads nieuwe Sociaal Stadsbouwmeester en wettenhouder Van Niejenhuis. Mijn ei? Waarom wordt, als je vol inzet op ontmoeten, ‘bonding & bridging’ een derde van de Kleine-der-A-ruimte ingenomen door parkeervakken?

VRIJDAG Soms blader ik wat terug in de familieberichtenstroom. Ik overweeg een familiekroniek te maken à la Nicolien Mizee, die haar faxen bundelde. Stel je voor: een Excel sheet met in de bovenste balk de namen van alle twaalf deelnemers, aangevuld met drie extra Signalgroepen van wisselende samenstelling. Okee, eventueel gebruikmakend van gefingeerde namen natuurlijk. Links verticaal de datum en tijd. Het middendeel gevuld met alle (alle? Ja alle) gesprekken. En geen commentaar erbij. En als voetnoot de stroom telefonische communicatie. Zou wat zijn.