Reitemakersrijge 13

Van de ene provinciestad naar de andere verhuizen kent het gevaar dat je alles met elkaar vergelijkt. Dat levert plussen en minnen op. Oppassen dus dat je in een blik beperkende vlaag van romantiserende geschiedvervalsing, waar vele senioren, naast brokkelige kalknagels, piekende neusharen, extra oorsmeer, verminderend libido, en vet- en alcoholzucht aan lijden, je vorige woonplaats niet alle credits geeft. Op voetbaltrainersfatsoen, wijkbestuur, ruimtelijkheid, winterse zoutstrooiroutes en kennis van het Drents wint Emmen het. By far. Wat culturele voorzieningen, stadse vaarroutes, het ‘Ik-vertrek-sentiment’ en fietsenstallingproblematiek aangaat, staat Groningen bovenaan. Dat stadjers geen boeken zouden lezen herroep ik, na een gezellige sessie met stadjers die allen (allen? Ja, allen!) Lale Gul achter de kiezen hadden en ooit hadden geroken aan W. F. Hermans.

Ons huizenblok heeft een VVE die zich uitsluitend met het beheer van de binnentuin bezighoudt. Dus geen gekrakeel over lekkende dakgoten, de verfdruppen morsende winterschilder en baksteenonderhoud, maar enkel onderwerpen als tot hoever de vlier moet worden teruggesnoeid, of zevenblad onkruid, soepgroente of een bodembedekker is, die het ook nog eens goed doet in de thee en of bij de jaarlijkse barbecue alcoholvrije wijn moet worden geschonken.

Het wijkbestuur in Groningen staat vergeleken bij Emmen in de kinderschoenen, als je al over schoenen mag praten. Emmen is strak georganiseerd in 35 Erkende Overleg Partners die alle jaarlijks een gemeentelijk budget ontvangen. Die autonoom plannen mogen ontwikkelen. En, gesteund door het stadhuis, mogen uitvoeren. De burgemeester is portefeuillehouder en bezoekt elke EOP eenmaal per jaar. Mijn oude wijkbestuur in Noordbarge telde 9 leden, waarvan vijf vrouw en vier onder de veertig. Bij het jaarlijkse wijkbewonersontbijt komen circa 100 personen. Ik geef toe: de Noordbargegetallen zijn voor de hele gemeente Emmen niet representatief.

In Groningen maak ik kennis met Buurtvereniging A-kwartier.