MAANDAG Tropische temperaturen, een knie zonder kraakbeen, fijne logees, broeierige avonden, een klustuin die schreeuwt om bewatering, het laatste Zomergastendeel dat nog afgekeken moet worden, een nog in te plannen onderhoudsbeurt voor de Giant: niets staat de voorbereiding voor de wandelweek in de weg. Vandaag scoor ik de knippenkaart voor de massages van dinsdag t/m vrijdag na de inspanning en worden we bijgepraat over het pijnsensiviteits onderzoek van UMCG en HANZE-hogeschool waar T en ik trouw aan meedoen, elke dag voor en na de tocht.
DINSDAG CODE ROOD De temp stijgt tot 34° en wij wandelaars doorstaan de verzengende hitte op de steppe die hier Onlanden heet. Een schitterend
natuurgebied, aangelegd als waterberging ten zuidwesten van Stad. De zeearend, aka ‘de vliegende deur’ nestelt hier en wijkt voor de stappende Meindls, Lowas en Dolomites. De 4daagse organisatie is perfect: waterpunten, toiletten, plaskruisen, en voldoende routebordjes. Mijn makker wordt allengs stiller: gewend als hij is aan uitbundig getoeter en gezang in Nijmegen, overvalt de rust, weidsheid en de stilte hem hier. Zijn lust om te zingen smelt als waterijs in een kinderhand. We hebben het naar de zin. Visioenen van een frikandel speciaal verdampen. Na vijf uren drinken we bier en kneedt een masseur mijn kuiten.
WOENSDAG elke dag opstaan om 5, ontbijtje fixen voor vier en dan zie ik dat er vanavond in de Martinikerk een juryconcert is met Rie Hiroe, Juan María Pedrero en Jeremy Joseph, alle drie met behoorlijk wat Bach. In wisselende samenstellingen lopen we noordwaarts, o.a. langs Harssens en Wierumerschouw, nu met een verfrissend windje en een softe zon. Zonder ’t te merken slaag ik erin twee blaren te ontwikkelen. We genieten van het landschap
, hebben diepzinnige gesprekken over Barefoot shoes, suiker in de spelt/haverkoekjes, of Halbe Zijlstra ooit weer geloofwaardig wordt en de rijzende ster van Roelien Kamminga. In Stad troon ik M & M mee naar Inges geäircode kledingshop Byoni. Daarna nog registreren, meedoen aan het pijnregistratieonderzoek, masseren en bier op t terras. Morgen oostwaarts.
DONDERDAG De temperatuur is meer dan okee, blaartjes no problemo, minister Van den Brink spreekt nog veertien wetten ontduikende gemeentes aan en ik neem me voor die gemeenten te mijden als rotte mispels. We hebben een bijzonder orgelconcert (met in de pauze Rivella) achter de rug waarbij de maestro’s en één Japanse maestra (jaja, in Japan zijn ook kerkorgels) een roosje kregen i.p.v. een vergiftigde bos leliën. De 4daagse presenteert een prachtige, oostelijke wandelroute, met heel mooie paden, bijvoorbeeld het ‘Bevrijdingspad’ en een oneindig mooie nabij Noorddijk en later bij Kardinge en Beijum met bloemenbermen als keukenhoven. De oude Groningse poëet Jan Boer zou, was hij nog onder de levenden, zijn vingers bij het zicht op de wolkenpartijen boven de vorstelijk gesubsidieerde agrarische sector hebben afgelikt, prevelende ‘Grunnen, mien laaand, bist ja hemel op oarde’. Onderweg krijgen we langs de randen van de Graanrepubliek waterflesjes bij de vleet en kaasblokjes van boerinnen die zich van BBB lijken te hebben afgekeerd als in goeden doen verkerende kieskeurige slakken van onwelriekende paardenmest.
VRIJDAG De laatste 20 kms.: een rondje Paterswoldsemeer, langs Hoornse Plas en Hoornse Dijkje. Een mooie route weer, met duidelijk Drentse invloeden. Eens even kijken wie meewandelen. Jong en oud. 80 % vrouwen schat ik. Opgeruimde, vriendelijke hulpvaardige types. Niet of nauwelijks mensen van kleur. Geen hoofddoekjes, keppeltjes, tulbanden, hamers & sikkels, wel kruisjes in alle afmetingen en Nijmeegse parafernalia. Een beetje
het gemiddelde koor dat net een ledenwerfactie onder jongeren heeft gehad. Iedereen die ik spreek prefereert Groningen verre boven Nijmegen. De verschillen zijn dan ook groot. Hier geen overdreven opgewonden luidruchtige toeschouwers met bombastische piratenmuziek via schetterende ghettoblasters, hier soms wel fijne smalle met bloemen omzoomde paden en godzijdank geen uitgerangeerde tv-reporters als Jaap Jongbloed die ten koste van wandelaars graag zichzelf interviewen of KRO’er Fons de Poel die een gerenommeerde politicus snotneus noemt als hij denkt dat de mic uitstaat. Bij de finish een lief onthaal van familie en vrienden met blomme in soorten en maten, een medaille met daarop Groningens classicistisch stadhuis dat enigszins doet denken aan dat van Weesp maar dan uitgevoerd in kloeke maten en zonder beginnersfouten en bier onder ‘Olle grieze’. Deze keer laat ik de keus aan de studentmasseur die me met kuiten als van een haastig puberhert naar huis laat lopen. Mijn rug modelleert zich na een tippelweek met in totaal 90 kms wel weer na een badje.