Briefwisseling tussen 1917 en 1921 van Pake Pieter (Van der Meulen) en Beppe Tjitske (Smit)

Mijn grootouders van mijn vaders kant (de Van der Meulens) herinner ik me als uiterst serieuze, rustige, bescheiden, ouderwetse, eenvoudige, werkzame, gereformeerde plattelanders uit het kleine plaatsje Nes nabij Wierum en Paesens-Moddergat in Noord-Friesland. Geen vrolijke lachebekjes maar ook geen chagrijnen. Beppe heb ik wel eens zien glimlachen. Altijd wasze gestoken in een zwarte lange jurk met daaronder een ijzeren corset, ik herinner me dat mijn tweelingbroertje en ik wel eens probeerden haar in de ruime hal omver te duwen, maar tevergeefs. Maar pake? Een pijp in zijn mondhoek is mijn beeld. Op verjaardagen bezochten ze ons gezin, dus jaarlijks zeker zeven keer. Oudste zus Jelske had dan de eer hen op te halen in de DS, die, zo bleek, ook in de Noord-Friese bochten aan de weg kleefde.

Pake had onverwachte tirannieke trekjes. Ik herinner me ooit gehoord te hebben dat hij de benen van zijn zoons zou breken als ze een vrouw voor het huwelijk zouden hebben bezwangerd. Zelf had ik de ervaring van een ferme tik toen ik eens kinderlijk onschuldig het woordje ‘verdorie’ of ‘verdikke’ of misschien ‘jakkes’ of het veel zwaardere ‘harrejakkes’ had gebruikt. ‘Verdomme’ of godverdomme kwam in ons woordenboek niet voor. Een belangstellende vraag, of gewoon iets aardigs kan ik me van pake niet herinneren. Wel dat hij sla bij de AVG-maaltijd ‘knienefoer’ (konijnenvoer) noemde.

Beppe en pake kregen vijf zoons, in volgorde van geboorte en ook overlijden: Anne, Piet, Folkert, Auke, en Tinus (Catrinus). Deze mannen trouwen met respectievelijk Sjoukje, Annie, Ted, Duotsje en Tetje.

Ver na beider dood kantelde mijn beeld van pake en beppe behoorlijk. Ik kende hen toen ze al op leeftijd waren en via een grote briefwisseling maak ik in 2013 kennis met hen als gevoelige geliefden die verslaafd lijken aan de hulp van een verzonnen god. Bij de boedelscheiding ontfermde mijn oom Auke zich over een verzameling foto’s en brieven. Naast familiefoto’s bevatte de doos maar liefst 133 brieven, die werden geschreven tussen 1917 en 1921. Het bleken liefdesbrieven te zijn. Aan het eind van de serie zijn brieven toegevoegd van derden (familieleden en vrienden). Opvallend genoeg zijn alle brieven geschreven in het Nederlands en niet in het Fries.

In eerste instantie meende ik er goed aan te doen alle brieven hier te publiceren. Uit privacy-overwegingen en na contact met mijn neef Auke (Tinuszoon) heb ik de briefwisseling verwijderd. Geïnteresseerd in de teksten? Laat het mij weten.

Klaas van der Meulen