JOURNAAL week 22

ZONDAG Ik noem mezelf een natuurfietser, maar anders dan mijn voorbeeld Monegask Mollema houd ik wel van belasting betalen. Voor mij geen hartslagmeter, supplementen, gelletjes of spierversterkende poedertjes in bidons. Luisteren naar je lijf, veel slapen, veel lezen, wat schrijven, dagelijks een bordje oesters, halve liters Leffe Blond ruilen voor of aanvullen met bietensap, veel bewegen en niet te hoog van de toren blazen. Deze maand fiets ik ruim 1.000 kms, verdeeld in wat langere stukjes en de standaard 40-km-routes.

MAANDAG Alida wordt opgetild, neergevlijd en afgevoerd. In de buurt heet het skûtsje Tante Alida, kortweg tante Alie. Met liefde en deskundigheid wordt ze door twee kranen opgehesen, even neergelegd op de museumoprit en dan door één kraan op een verlengde dieplader gelegd en getransporteerd naar Wehe den Hoorn. Het voormalige scheepvaartmuseum wil nieuwe wegen inslaan en gaat samenwerken. Bingoënde drag queens moeten bezoekersaantallen die dalen als grondwaterstanden in door waterschappen beheerde landerijen opkrikken.

DINSDAG Voor ons betekende de naam Maartenshof een sterfhuis: twee (schoon)ouders vonden er een laatste haven. Als vrouw I er wordt gerevalideerd kantelt ons beeld diametraal. We herkennen de revalidatiekwaliteiten met actieve verpleegkundigen, attente zorgmedewerkers, artsen en fysio’s die alles van heupen weten en niet voor privépraktijken in yuppenwijken kiezen maar toegewijd zijn aan het solidariteitsbegrip. We zijn onder de indruk van het arbeidsethos, de kundigheid en de patiëntbenadering: allemaal veilig en vertrouwd.

WOENSDAG Ik vraag deskundigen hoeveel je moet trainen voor een monsterfietstocht. ‘Per week opbouwen, de hele monstertocht praktizeren is niet nodig,’ hoor ik geruststellend.

DONDERDAG Mijn fietsdoel, van 06.00 – 11.00 uur is: Groningen – Beilen – Ureterp – Groningen. Gelukt. 125 kms. met gemiddeld 27,3.

VRIJDAG Ons autodeelproject CCP (Clio Coöperatie Pompplein) is een groot succes. Met zijn drieën delen we Clio en gezien de gereden kilometers zou er een vierde en vijfde deelnemer toe kunnen treden. Zo leveren we een substantiële bijdrage aan het verdelen van de beschikbare, krappe, ruimte op wegen en parkeerterreinen in Stad. Zoals Groningens wethouder Rik van Niejenhuis graag in interviews debiteert: het kleine persoonlijke belang inruilen voor het grotere publieksbelang. Er lang over filosoferen primo maar ook hier is handelen beter dan oeverloze salontafelgesprekken.

ZATERDAG In de RTV-Noord-app lees ik over een bedrijf in Groningen dat hoefijzers produceert. Een uiterst eenzijdig kritiekloos stuk, een soort advertorial gepresenteerd als nieuws. Het hoefijzerbedrijf meldt met grote trots dat ze iets maken dat sinds de middeleeuwen niet veranderd is. Paarden krijgen aan elk been een stuk ijzer aangemeten van soms 450 gram. Met fikse spijkers in de hoeven, eigenlijk nagels, geslagen. Soms tot zes keer per jaar. Is het niet vreemd dat de RTV-Drenthe-journalist vergeet zich af te vragen of er geen alternatief is voor dit middeleeuwse gebruiksmiddel. Had zij/hij het wel gedaan, was men uitgekomen bij hoefschoenen.