Het proefschrift van Maarten ’t Hart, mijn meest speciale publicatie van de meester is genaamd: ‘A study of short term behaviour cycle’, een ethologische studie naar het gedrag van de driedoornstekelbaars, compleet met een lijst van vijftien stellingen.
Het boek is geschreven in het Engels en voorzien van talloze grafieken over sluipgedrag, baltsgedrag, nestmethoden, kuitrijpe wijfjes, zigzaggen, sidderen en meer.
Dat diergedrag eye-openers voor menselijk gedrag kan opleveren is algemeen bekend. Minder bekend is dat kleine visjes als de mannelijke stekelbaars, geleerd kan worden door hoepeltjes te zwemmen door hem gedurende tien seconden een baltsend vrouwtje te tonen. Ook kun je hem leren in een staaf te bijten als hij tien seconden een rivaal te zien krijgt, maar daar weer niet in slaagt bij het zien van een baltsend vrouwtje.
De vijftien stellingen gaan over het proefschriftonderwerp, muziek van Chopin, Bach, boeken lezen, literatuur, de bijbel en feminisme.
‘Daar het voortplantingssucces van feministen, en in het bijzonder van de lesbische feministen, geringer is dan dat van andere vrouwen, moet worden gevreesd dat hun optreden zal leiden tot selectie ten gunste van die eigenschappen bij vrouwen die zij het felst bestrijden.’
‘Het is in strijd met de uitvoeringspraktijken in de barok om bij uitvoeringen van Bach’s kerkcantates vrouwen wel te weren uit koor en solisten-koor maar niet uit het orkest.’
‘Het meest wezenlijke verschil tussen mens en dier is dat alleen de mens zowel zijn eigen soortgenoten alsook alle andere soorten, voorzover binnen zijn bereik, gevangen zet en houdt.’


Kijk, daar staan we: 70 personeelsleden van De Dissel, in de jaren 80 de grootste school voor voortgezet onderwijs in Emmen, 55 mannen en 15 vrouwen. Openbaar, want we realiseren ons maar al te goed de onwenselijkheid van (bijzonder) christelijk onderwijs. Een inclusieve school met ook leerlingen uit Marokko, Joegoslavië, Ethiopië, want hoewel het woord witte school nog niet bestaat, weten we dat we daar van moeten wegblijven. In latere jaren krijgt elke vestiging een taalklas waar leerlingen uit AZC’s naadloos instromen. De beste collega’s worden mijn beste vrienden. Onze school behoort tot de fine fleur van het voortgezet onderwijs in Drenthe. Nou ja, tenminste enkele vakken dan. Bijvoorbeeld het vak maatschappijleer dat via het SLO de landelijke toon zet. En komt minister Jo Ritzen enkele jaren later niet bij ons langs voor advies over invoering van nieuwigheden als de medezeggenschapsraad en basisvorming?
Meino Smit is een zeldzame koppeling van (biologische akkerbouw)boer en wetenschappelijk onderzoeker. Die zijn er dus ook. Dat werd tijd. Geen ontevreden LTO-zwalker, Farmer Defence overaldrager, omgekeerdevlagger maar iemand die met verstand van zaken nagaat hoe het echt zit. Dat zullen de verongelijkte standaardboeren, hun organisaties, Caroline van de Plas en Piet Adema de zwalker hem niet in dank afnemen. Leesvoer voor Wollaars/Tweebeke. Smit beschrijft een verschil tussen boerenlandbouw en ondernemerslandbouw en vraagt zich af waar de ethische en morele overwegingen in de landbouw zijn gebleven. Smit staaft zijn uitspraken met goed leesbare onderzoeken, weergegeven in duidelijke statistieken. Om hem zelf aan het woord te laten pak ik een interview met de Volkskrant uit 2021 erbij. Wat zegt Smit?

In deze Salamander pocket (een goedkope pocketboekenreeks van 1934 tot 1984) staan acht verhalen, waarvan vijf in eerdere bundels verschenen. ‘De dorstige minnaar’, ‘De vloekende dievegge’ en ‘Ongewenste zeereis’ zijn nieuw. Het eerste verhaal koppelt een oom die een perpetuum mobile wil maken aan een gedresseerd puttertje dat wordt geleerd water op te hijsen in een emmertje aan een kettinkje en dan als beloning kanarievrouwtjes mag bevruchten. Het tweede gaat over een kauwtje dat ‘sodommieters’ kan zeggen op een begraafplaats en daar twaalf jaar blijft.
MA Muziek, het klinkt als muziek in mijn oren als Google op maandag meldt: het weekrapport schermtijd is ’19 minuten minder dan het daggemiddelde van vorige week’. Less is more. Maandag is mijn A-kwartierochtend. Sinds mijn komst naar Groningen wil ik mijn omgeving leren kennen. Ik beschrijf straten (rubriek straat-in-beeld) en interview zgn. stamgasten. Beide zeswekelijks. Tien achter de rug. Heerlijke klussen. Dan een bestuursvergadering, een geveltuinjuryfeestje in de Wolthoorn, de columnisten bij elkaar houden en meer. In week 21 noteerde ik 20,5 uur activiteiten voor de wijk. Het moet niet gekker worden. Als bestuurslid van buurtvereniging A-Kwartier word je uitgenodigd voor minisymposium binnenstadsinrichting, paneldiscussies onderhoud- en groenvoorziening en meer.
Zestien drukken in tien maanden; eind ’70 breekt veelschrijver ’t Hart (ik bereken dat hij één pagina daags schrijft) door met ‘Een vlucht regenwulpen’, misschien zijn bekendste, later ook verfilmde, boek. Er worden 1 miljoen van verkocht. Je leest over volwassen- en kindertijd van de hoofdpersoon. Een 30-jarige bioloog maakt voordat hij naar Bern afreist een afspraak met het zusje van Martha, de vrouw op wie hij verliefd is. In zijn solistische jeugd speelt hij, druivenkwekerszoon, vanwege een gebrek aan vriendjes, met zijn moeder. De ik-persoon wordt beheerst door dwanggedachten, bijvoorbeeld dat zijn moeders kanker te wijten is aan zijn ongelovig zijn, dat hij niet over schaduwen mag stappen, pleinangst, enz. De liefde voor Martha beheerst zijn leven, en route naar Bern in de auto praat hij tegen de afwezige zus van Martha.
VR Eind oktober 2022 

Geen literaire essays, maar vlot geschreven beschouwingen over leeservaringen vanaf zijn vroegste jeugd. In het eerste verhaal neemt ’t Hart je mee langs alle auteurs die hem van kinds af aan geboeid hebben. Daarna volgen uitgebreide uitwerkingen van leesroutes langs Van Oudshoorn, Fontane, Trollope en meer.
94 pagina’s zonder hoofdstukindeling, gedrukt op 100 grams houtvrij papier; een fraaie, kleine uitgave. Anton, Ingeborg, Pieter, Jacob, Marijke en George de ik-persoon zijn met 16 studenten, waaronder een schizofrene grassengek, op biologie- excursie op zoek naar vuurbuiken. Vlinderfanaten, waterdriebladaanbidders, vuurbuikzoekers. Het spel kan beginnen.