Geachte heer Van Dijk, beste Peter,
Bij het woord projectontwikkelaar werd in mijn jeugd meesmuilend geschamperd bij het koffieapparaat in de pauzes. Ik beken: ik deed mee. Mooi oud werd lelijk nieuw en massaliteit verpulverde het individuele. Bij de naam Peter van Dijk zag je de slopershamer al en vlak daarna de archiefladekastarchitectuur. Mijn beeld van het begrip Peter van Dijk kantelde enkele jaren geleden. Ik bezocht een nieuwjaars- alias Emmenpromobijeenkomst in het Atlas. Gelikte filmpjes van bekende Emmenaren kwamen voorbij. Ik maakte kennis met een sympathieke, lachgrage kop uit ik meen Klazienaveen die vertelde dat hij veel aan deze streek te danken had gehad en graag iets wilde terugdoen. Ik geloofde hem en liet mijn cynische Vormeinung varen. Een nadere kennismaking met Van Dijk volgde op reclameborden bij oeze FC en in artikelen over een heuse skyscraper, de verbouw van een foeilelijk geel gebouw dat Drukkerij heet waar geen supermarkt naartoe wilde en successtory’s over ultrasnelle verhuur van appartementen aan de Flintstraat. Sindsdien heette hij voor mij en mijn voetbalkameraden De Dijk.
In mijn hometown Noordbarge werd een schoolterrein verkocht aan De Dijk in samenwerking met Bemog uit Zwolle. Een religieuze groep die onder de loupe van het O.M. ligt viste achter het net, terwijl, zo wil het stamtafelverhaal, de kerk veel meer bood dan De Dijk. De Dijk kwam met plannen, ruwe schetsen waarop vijf boerderettes en zeven schuurhuizen te zien zijn tussen bomenrijen die ogen als plastic Legostukken die te lang in de zon hebben gelegen. Een stuk of twaalf behuizingen met glazen serres als etalages van zitmaaierverkopers, we gaan hier niet twisten over smaak, moeten ‘import’ naar Noordbarge trekken als eikenprocessierupsen naar eikenstammen.
De bestuursleden van het parlement van Noordbarge, Plaatselijk Belang, waren in hun nopjes. Metoo, al schuurde ergens iets. En zoals meningen en opvattingen kunnen groeien en veranderen als hersenen in puberhoofden, kantelde bij mij het beeld en doemde het vroegere beeld van de projectontwikkelaar weer op met meer dollartekens dan maatschappelijk gevoel op zijn harde schijf.
Als Van Dijk echt iets voor Emmen wil betekenen, herziet hij de plannen stante pede en neemt hij een voorbeeld aan Oosterhesselen waar een collegaprojectontwikkelaar in een even rurale omgeving (op advies van Hesselers) betaalbare rijtjeswoningen projecteert naast vrijstaande huizen.
We zien in Noordbarge al meer naar binnen gekeerde eilandjes voorzien van stalen, elektronisch bediende hekwerken om huizen dan ons lief is. Kom op Peter van Dijk, bouw geen gated community waar uitstallen van prijzige eenvormigheid (het plan kent slechts twee smaken) doorgaat voor vooruitgang. In Nederland is een schreeuwend tekort aan betaalbare koop- en huurwoningen. Noordbarge is een fijne woonstee omdat er diversiteit is. Groot staat gebroederlijk naast klein, foeilelijk naast te pruimen of zelfs ronduit mooi en goedkoop naast onbetaalbaar. Waarom die eenheid uit zijn verband rukken en kiezen voor gelijkvormige onbetaalbaarheid met alle sociale misvorming van dien?
Veel mensen in Noordbarge denken, uitgaande van een misplaatst verlangen naar gelijkheid, dat de wijk gebaat is bij puntdaken, het liefst nog met riet gedekt. En dat terwijl de vier mooiste, d.w.z meest markante en architectonisch interessantste bouwsels geen puntdak hebben: hotel ten Cate, de Lidl, de Vrije School en de witte bungalow aan het begin van de Oude Zuidbargerstraat.
Veel Noordbargers koesteren een landelijke, Orveltiaanse retro-uitstraling, maar zodra die landelijkheid dichtbij komt groeit de NIMBY-reflex, het mag overal maar niet naast mij (een speelterreintje naast je huis, een haan bij de buren, een asfaltweg die wordt omgetoverd in een dorpse klinkerstraat) en komen de protesten bovendrijven als vetogen op grootmoeders groentesoep.
Geachte heer Van Dijk, beste Peter: laat zien dat u de naam De Dijk waard bent, keer het tij, het is nog niet te laat. Laat één van de boerderettepercelen vervallen en ontwikkel daar vijf tiny houses, of, nog beter: skip drie schuurwoningen en creëer daar een knarrenhofje voor 15 belangstellenden. Financieel meer dan haalbaar wanneer de villa’s een kleine prijsverhoging krijgen.
Noordbarge, de geschiedenis in ontwikkeling en woningzoekers zullen u dankbaar zijn.








De expositie ‘De route wordt opnieuw berekend’ is een goede naam voor starre kijkers. We zijn in Brabant, het land van industriële varkensfokkerijen, leegstaande kloosters die nu vaak wietplantages zijn, verlopen kerken en nertsenbedrijven die onder het toeziend oog van meneer pastoor op het punt staan geruimd te worden. Maar nu Tilburg. Bereid je voor op een heroriëntatie, kijk nog eens en dan anders, stel je zelf lastige vragen over wat, hoe en waarom en stap dan binnen in De Pont. Een goed uur, dan ben je al een heel eind. Voor museumhaters of beginners op het museumvlak is De Pont in Tilburg ideaal. Het heeft alles, maar dan op kleine schaal. Een schitterend gerecycled gebouw: een industrieel pand uit de textielbranche, maar dan zonder spinnewielen, foto’s uit het verleden van moeilijk kijkende bazen en arbeiders en geen belerende tableaus met historische teksten die niemand leest. Het hart van het museum is een open ruimte waarin de stalen dakconstructies zichtbaar zijn. Aan de lange zijde kleine kamertjes die aan een gevangenis doen denken en verder open ruimtes voor kleinere exhibities.
uitgespreide, rechthoekige baan van steenkolen, we zitten wel vlakbij de voormalige steenkolenindustrie, en een met klokken gevuld afgesloten kamertje (Job Koelewijn) dat nutteloos heen en weer wiegt. De aan- en uitknoppen aan de zijkant schreeuwen om publieksbediening maar dat vindt de zaalwacht die niet houdt van participerend publiek weer niet goed. Toppunt van confronterende ledigheid: een met jutte bespannen lat waarop een veeg witte verf (Raoul De Keyser).
schitterend gepenseelde vulva’s van voorover gebogen vrouwen die pesterige wijsneuzige kinderstemmen uitlokken die aan de derde vriendin van pa vragen: ‘Heey Susan, ben jij dat?’ Een plaatselijke grootheid Marc Mulders die als geen ander (pioen)rozen schildert in dikke kwakken olieverf die op de plant snap app onvindbaar zijn maar binnenkort in de betere behangwinkel hopelijk voor alle Tilburgers verkrijgbaar.
eerstvolgende en wie weet allerlaatste kerstkaart is er een gebogen stuk staal dat liever glas was (Anish Kapoor) en de wonderlijkste spiegeleffecten als onderdoorkijkpassages biedt die bij goed kijken en een herberekening van de route er niet zijn. Philip Vandenberg die een meer dan interessant beeld van de koning geeft die naakt rennend
(‘Susan, is dat Willem Alexander?’) zijn aambeien en pielemuis aan wolven offreert. Kinderen, neem je ouders mee! En dan nog het mooiste museumrestaurant & een intieme binnentuin met stapels niet opgeruimd vuil serviesgoed die bewijzen dat corona de publieksstroom, al dan niet herberekend, niet heeft afgebroken. Mooi zo.